Ze beslissen niet op tijd
Een instantie heeft voor bijna elke aanvraag een wettelijke termijn. Is die voorbij, dan heb jij een middel in handen: de ingebrekestelling. Twee weken later gaat er een dwangsom lopen die zij aan JOU moet betalen, en kun je naar de rechter. Hieronder reken je uit of het zover is, en schrijf je de brief.
Hoe het werkt, in vier stappen
Stap 1: zoek hieronder je soort aanvraag op en vul in wanneer die binnenkwam. Je ziet dan tot wanneer de instantie had om te beslissen.
Stap 2: is die dag voorbij, vink dan aan wat er aan de hand is. De brief - een ingebrekestelling - schrijft zichzelf mee. Jij verstuurt hem zelf.
Stap 3: vul in wanneer de instantie je brief kreeg. Je ziet dan vanaf welke dag de dwangsom loopt en wat hij ten hoogste kan worden.
Stap 4: komt er daarna nog niets, dan kun je naar de rechtbank wegens niet tijdig beslissen. Dat is een aparte stap, en daar helpt het Juridisch Loket gratis bij.
Deze pagina rekent en legt uit; zij geeft geen juridisch advies. De instantie beslist, en bij een geschil de rechter. Twijfel je? Het Juridisch Loket helpt gratis.
Waar wacht je op?
Kies de soort die het dichtst bij jouw zaak komt. Staat hij er niet tussen, neem dan de laatste: "Iets anders".
Zorg en ondersteuning
Wmo, jeugdhulp en langdurige zorg: de gemeente of het CIZ beslist.
Je deed een Wmo-melding en het onderzoek duurt te lang„Ik heb me bij de gemeente gemeld voor hulp of een aanpassing, en ik hoor niets.”
Een Wmo-zaak begint niet met een aanvraag maar met een MELDING. De gemeente moet daarna binnen zes weken een onderzoek doen - het "keukentafelgesprek" en wat daarbij hoort. Is dat onderzoek na zes weken niet gedaan, dan mag je de aanvraag toch indienen. Dat is de sleutel: zonder aanvraag loopt er geen beslistermijn en dus ook geen dwangsom, en daar lopen mensen jarenlang op vast.
Let op. Deze zes weken gaan over het ONDERZOEK, niet over een besluit. Zijn ze voorbij zonder onderzoek, dien dan je aanvraag in. Pas vanaf die aanvraag loopt de beslistermijn van twee weken, en pas daarna kun je in gebreke stellen. Samen is dat de acht weken die je overal hoort - zes plus twee, geteld vanaf je melding.
Waar je het indient. Een brief of een bericht via het contactformulier aan het Wmo-loket van je gemeente. Zet erin dat de zes weken voorbij zijn en dat je op grond van artikel 2.3.2 lid 9 Wmo 2015 nu je aanvraag indient.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 2.3.2 lid 1 Wmo 2015 — „Indien bij het college melding wordt gedaan van een behoefte aan maatschappelijke ondersteuning, voert het college in samenspraak met degene door of namens wie de melding is gedaan en waar mogelijk met de mantelzorger of mantelzorgers dan wel diens vertegenwoordiger, zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen zes weken, een onderzoek uit overeenkomstig het tweede tot en met achtste lid. Het college bevestigt de ontvangst van de melding.” (Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 2.3.2 lid 9 Wmo 2015 — „Een aanvraag als bedoeld in artikel 2.3.5 kan niet worden gedaan dan nadat het onderzoek is uitgevoerd, tenzij het onderzoek niet is uitgevoerd binnen de in het eerste lid genoemde termijn.” (Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Hier loopt geen dwangsom
Zolang er geen AANVRAAG ligt, is er geen beschikking op aanvraag en loopt er geen dwangsom. Dien eerst je aanvraag in; kijk daarna bij "Je Wmo-aanvraag ligt er en er komt geen besluit" hieronder.
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je je melding kunt dateren en er sindsdien meer dan zes weken voorbij zijn.
Wat je meestuurt
- De ontvangstbevestiging van je melding, met de datum
- Je zaaknummer of kenmerk
- Brieven, mails of telefoonnotities sinds die melding, met data
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 2.3.5 lid 2 Wmo 2015 — „Het college geeft de beschikking binnen twee weken na ontvangst van de aanvraag.” (Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de gemeente nooit bevestigde dat je melding binnen is.
Wat je meestuurt
- Wat je bewaarde van je melding: een mailtje, een printscreen, een brief
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- De datum van je melding en het bewijs daarvan
- Je kenmerk of zaaknummer
- Een kopie van deze brief en het verzendbewijs
Zo pak je het aan
- Zoek de datum van je melding Alles hangt aan die ene dag. Staat hij nergens zwart op wit, vraag de gemeente dan eerst schriftelijk te bevestigen wanneer je melding binnenkwam.
- Reken de zes weken uit Vul hieronder de datum van je melding in. Je ziet dan tot wanneer de gemeente had om het onderzoek te doen.
- Dien je aanvraag in zodra die zes weken voorbij zijn Dat mag, ook als het onderzoek nog loopt. Vanaf je aanvraag heeft de gemeente nog twee weken voor een besluit.
- Pas daarna in gebreke stellen Komt er na die twee weken geen besluit, ga dan naar de volgende soort op deze pagina. Daar staat de ingebrekestelling en de dwangsom.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Blijven wachten op het gesprek. De zes weken lopen door, en na zes weken mag je de aanvraag gewoon indienen.
- Denken dat een melding hetzelfde is als een aanvraag. Zonder aanvraag is er geen beslistermijn en dus geen dwangsom.
- De datum van de melding niet kunnen aantonen. Vraag die bevestiging schriftelijk op.
Wat het kost
Niets. Een melding, een aanvraag en deze brief zijn gratis.
En daarna?
Na je aanvraag moet de gemeente binnen twee weken een beschikking geven. Komt die niet, dan kun je in gebreke stellen. Komt er wel een besluit maar ben je het er niet mee eens, dan maak je bezwaar binnen zes weken - dat staat op het tabblad Bezwaar maken.
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 2.3.2 lid 1 Wmo 2015 — „Indien bij het college melding wordt gedaan van een behoefte aan maatschappelijke ondersteuning, voert het college in samenspraak met degene door of namens wie de melding is gedaan en waar mogelijk met de mantelzorger of mantelzorgers dan wel diens vertegenwoordiger, zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen zes weken, een onderzoek uit overeenkomstig het tweede tot en met achtste lid. Het college bevestigt de ontvangst van de melding.” (Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Je Wmo-aanvraag ligt er en er komt geen besluit„Mijn Wmo-aanvraag is ingediend, het gesprek is geweest, en ik krijg geen beschikking.”
Ligt de aanvraag er, dan moet de gemeente binnen twee weken een beschikking geven. Dat is kort, en veel gemeenten halen het niet. Is die termijn voorbij, dan kun je de gemeente in gebreke stellen. Twee weken daarna gaat er een dwangsom lopen die zij aan JOU moet betalen, en kun je naar de rechter.
Let op. Deze twee weken gaan lopen vanaf de ontvangst van je AANVRAAG, niet van je melding. Heeft de gemeente je om aanvullende stukken gevraagd, dan staat de termijn stil vanaf de dag na dat verzoek tot de dag waarop je ze instuurt.
Waar je het indient. Een brief of bericht aan het Wmo-loket van je gemeente, met het woord INGEBREKESTELLING erin. Een vriendelijk rappel telt niet.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 2.3.5 lid 2 Wmo 2015 — „Het college geeft de beschikking binnen twee weken na ontvangst van de aanvraag.” (Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:15 lid 1 Awb — „De termijn voor het geven van een beschikking wordt opgeschort met ingang van de dag na die waarop het bestuursorgaan: a. de aanvrager krachtens artikel 4:5 uitnodigt de aanvraag aan te vullen, tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken, of b. de aanvrager mededeelt dat voor de beschikking op de aanvraag redelijkerwijs noodzakelijke informatie aan een buitenlandse instantie is gevraagd, tot de dag waarop deze informatie is ontvangen of verder uitstel niet meer redelijk is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Vanaf wanneer loopt de dwangsom?
Vul in op welke dag de instantie je ingebrekestelling ontving. Weet je dat niet precies, neem dan de dag waarop je hem verstuurde plus een paar dagen post - en bewaar het verzendbewijs.
De eerste dag waarover de dwangsom loopt is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de beslistermijn verliep EN de instantie je brief ontving. Stel je te vroeg in gebreke, dan telt de latere van die twee dagen.
De dwangsom loopt ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet geldt daar niet voor: die 42 dagen schuiven niet op voor een weekend of een feestdag.
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan om.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 1 lid 1 Algemene termijnenwet — „Een in een wet gestelde termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag eindigt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is.” (Algemene termijnenwet, versie 2026-01-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je aanvraag er ligt en de termijn voorbij is.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag met de datum
- De ontvangstbevestiging met het kenmerk
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de gemeente wel uitstel aankondigde, maar te laat.
Wat je meestuurt
- De brief met het uitstel, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:14 lid 3 Awb — „Indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het bestuursorgaan dit binnen deze termijn aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn binnen welke de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de gemeente de termijn opschortte voor aanvullende stukken en jij die hebt gestuurd.
Wat je meestuurt
- Het verzoek om aanvulling
- Het bewijs dat je de stukken instuurde, met datum
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:15 lid 1 Awb — „De termijn voor het geven van een beschikking wordt opgeschort met ingang van de dag na die waarop het bestuursorgaan: a. de aanvrager krachtens artikel 4:5 uitnodigt de aanvraag aan te vullen, tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken, of b. de aanvrager mededeelt dat voor de beschikking op de aanvraag redelijkerwijs noodzakelijke informatie aan een buitenlandse instantie is gevraagd, tot de dag waarop deze informatie is ontvangen of verder uitstel niet meer redelijk is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag met de datum van indiening
- De ontvangstbevestiging
- Alles wat je sindsdien stuurde of besprak, met data
- Een kopie van deze brief en het verzendbewijs
Zo pak je het aan
- Vul de datum van je aanvraag in Hieronder zie je tot wanneer de gemeente had om te beslissen.
- Schrijf de ingebrekestelling Zet het woord ingebrekestelling erin, noem de dag waarop de termijn verliep, en vraag om een besluit binnen twee weken.
- Zet de datum van de dwangsom in je agenda Vul hieronder in wanneer de gemeente je brief ontving. Je ziet dan vanaf welke dag de dwangsom gaat lopen en hoeveel hij kan worden.
- Komt er dan nog niets: naar de rechtbank Beroep wegens niet tijdig beslissen kan vanaf diezelfde dag, en is niet aan een termijn gebonden - maar stel het niet onredelijk lang uit.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Te vroeg in gebreke stellen, voordat de beslistermijn voorbij is. Dan gaat de klok niet lopen.
- Een rappel sturen zonder het woord ingebrekestelling en zonder de dag waarop de termijn verliep.
- De brief per gewone post sturen zonder bewijs. De datum van ontvangst bepaalt alles.
Wat het kost
De ingebrekestelling is gratis. Beroep bij de rechtbank kost griffierecht; voor een laag inkomen geldt een lager tarief.
En daarna?
De gemeente moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan schriftelijk om. Komt er nog steeds geen besluit, dan kan de rechter de gemeente een termijn opleggen met een eigen dwangsom erbovenop.
Waar dit op gebaseerd is (5 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Je vroeg jeugdhulp aan en er komt geen besluit„Ik heb jeugdhulp aangevraagd bij de gemeente en ik hoor al weken niets.”
De Jeugdwet noemt zelf geen beslistermijn. Dan geldt de algemene regel: acht weken na ontvangst van je aanvraag is de uiterste redelijke termijn. Haalt de gemeente dat niet, dan moet zij dat binnen die acht weken melden en een nieuwe termijn noemen. Doet zij ook dat niet, dan kun je in gebreke stellen.
Let op. Acht weken is hier geen termijn uit de Jeugdwet maar de uiterste redelijke termijn van de Algemene wet bestuursrecht. Staat er in de verordening van jouw gemeente een kortere termijn, dan geldt die.
Waar je het indient. Een brief of bericht aan het jeugdloket of wijkteam van je gemeente.
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 4:13 lid 1 Awb — „Een beschikking dient te worden gegeven binnen de bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn of, bij het ontbreken van zulk een termijn, binnen een redelijke termijn na ontvangst van de aanvraag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:13 lid 2 Awb — „De in het eerste lid bedoelde redelijke termijn is in ieder geval verstreken wanneer het bestuursorgaan binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag geen beschikking heeft gegeven, noch een mededeling als bedoeld in artikel 4:14, derde lid, heeft gedaan.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:14 lid 3 Awb — „Indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het bestuursorgaan dit binnen deze termijn aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn binnen welke de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Vanaf wanneer loopt de dwangsom?
Vul in op welke dag de instantie je ingebrekestelling ontving. Weet je dat niet precies, neem dan de dag waarop je hem verstuurde plus een paar dagen post - en bewaar het verzendbewijs.
De eerste dag waarover de dwangsom loopt is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de beslistermijn verliep EN de instantie je brief ontving. Stel je te vroeg in gebreke, dan telt de latere van die twee dagen.
De dwangsom loopt ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet geldt daar niet voor: die 42 dagen schuiven niet op voor een weekend of een feestdag.
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan om.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 1 lid 1 Algemene termijnenwet — „Een in een wet gestelde termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag eindigt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is.” (Algemene termijnenwet, versie 2026-01-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je kunt aanwijzen wanneer je stuk binnenkwam en welke termijn erop staat.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum
- De ontvangstbevestiging met het kenmerk
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie wel uitstel aankondigde, maar pas nadat de termijn om was.
Wat je meestuurt
- De brief met het uitstel, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:14 lid 3 Awb — „Indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het bestuursorgaan dit binnen deze termijn aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn binnen welke de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie de termijn stilzette voor aanvullende stukken en jij die hebt gestuurd.
Wat je meestuurt
- Het verzoek om aanvulling
- Het bewijs dat je de stukken instuurde, met datum
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:15 lid 1 Awb — „De termijn voor het geven van een beschikking wordt opgeschort met ingang van de dag na die waarop het bestuursorgaan: a. de aanvrager krachtens artikel 4:5 uitnodigt de aanvraag aan te vullen, tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken, of b. de aanvrager mededeelt dat voor de beschikking op de aanvraag redelijkerwijs noodzakelijke informatie aan een buitenlandse instantie is gevraagd, tot de dag waarop deze informatie is ontvangen of verder uitstel niet meer redelijk is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum van indiening
- De ontvangstbevestiging
- Alles wat je sindsdien stuurde of besprak, met data
- Een kopie van je ingebrekestelling en het verzendbewijs
Zo pak je het aan
- Vul de datum in waarop je stuk binnenkwam Hieronder zie je tot wanneer de instantie had om te beslissen.
- Schrijf de ingebrekestelling Zet het woord ingebrekestelling erin, noem de dag waarop de termijn verliep en vraag om een besluit binnen twee weken. Een vriendelijk rappel telt niet.
- Reken uit vanaf wanneer de dwangsom loopt Vul hieronder in wanneer de instantie je brief ontving. Je ziet dan de eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is en wat hij ten hoogste kan worden.
- Komt er dan nog niets: naar de rechtbank Beroep wegens niet tijdig beslissen kan vanaf diezelfde dag. Er staat geen termijn op, maar wacht er niet onredelijk lang mee.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Te vroeg in gebreke stellen, voordat de beslistermijn voorbij is. Dan gaat de klok niet lopen.
- Een rappel sturen zonder het woord ingebrekestelling en zonder de dag waarop de termijn verliep.
- De brief versturen zonder bewijs van ontvangst. De datum waarop de instantie hem binnenkreeg bepaalt alles.
- De verordening van je eigen gemeente niet nakijken. Staat daar een kortere termijn, dan is die leidend en ben je eerder aan zet.
Wat het kost
De ingebrekestelling is gratis. Beroep bij de rechtbank kost griffierecht; voor een laag inkomen geldt een lager tarief.
En daarna?
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan schriftelijk om. Komt er nog steeds geen besluit, dan kan de rechter de instantie een termijn opleggen met een eigen dwangsom erbovenop.
Waar dit op gebaseerd is (5 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Het CIZ beslist niet op je Wlz-indicatie„Ik heb een Wlz-indicatie aangevraagd bij het CIZ en er komt geen besluit.”
Het CIZ stelt het recht op langdurige zorg vast in een indicatiebesluit. De Wet langdurige zorg noemt voor dat besluit geen eigen termijn, dus geldt de uiterste redelijke termijn van acht weken. Let op: voor een BEZWAAR tegen een Wlz-besluit geldt juist een veel langere termijn dan normaal.
Let op. Op een bezwaar tegen een Wlz-besluit staat eenentwintig weken in plaats van de gebruikelijke zes of twaalf. Reken dus niet met de gewone bezwaartermijnen als je al bezwaar hebt gemaakt.
Waar je het indient. Een brief aan het CIZ, met je burgerservicenummer en je zaaknummer erbij.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 4:13 lid 2 Awb — „De in het eerste lid bedoelde redelijke termijn is in ieder geval verstreken wanneer het bestuursorgaan binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag geen beschikking heeft gegeven, noch een mededeling als bedoeld in artikel 4:14, derde lid, heeft gedaan.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 10.3.1 Wlz — „bezwaar in afwijking van artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht genomen binnen eenentwintig weken gerekend vanaf de dag na die waarop de termijn voor het indienen van het bezwaarschrift is verstreken.” (Wet langdurige zorg, versie 2026-01-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Vanaf wanneer loopt de dwangsom?
Vul in op welke dag de instantie je ingebrekestelling ontving. Weet je dat niet precies, neem dan de dag waarop je hem verstuurde plus een paar dagen post - en bewaar het verzendbewijs.
De eerste dag waarover de dwangsom loopt is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de beslistermijn verliep EN de instantie je brief ontving. Stel je te vroeg in gebreke, dan telt de latere van die twee dagen.
De dwangsom loopt ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet geldt daar niet voor: die 42 dagen schuiven niet op voor een weekend of een feestdag.
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan om.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 1 lid 1 Algemene termijnenwet — „Een in een wet gestelde termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag eindigt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is.” (Algemene termijnenwet, versie 2026-01-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je kunt aanwijzen wanneer je stuk binnenkwam en welke termijn erop staat.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum
- De ontvangstbevestiging met het kenmerk
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie wel uitstel aankondigde, maar pas nadat de termijn om was.
Wat je meestuurt
- De brief met het uitstel, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:14 lid 3 Awb — „Indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het bestuursorgaan dit binnen deze termijn aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn binnen welke de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie de termijn stilzette voor aanvullende stukken en jij die hebt gestuurd.
Wat je meestuurt
- Het verzoek om aanvulling
- Het bewijs dat je de stukken instuurde, met datum
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:15 lid 1 Awb — „De termijn voor het geven van een beschikking wordt opgeschort met ingang van de dag na die waarop het bestuursorgaan: a. de aanvrager krachtens artikel 4:5 uitnodigt de aanvraag aan te vullen, tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken, of b. de aanvrager mededeelt dat voor de beschikking op de aanvraag redelijkerwijs noodzakelijke informatie aan een buitenlandse instantie is gevraagd, tot de dag waarop deze informatie is ontvangen of verder uitstel niet meer redelijk is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum van indiening
- De ontvangstbevestiging
- Alles wat je sindsdien stuurde of besprak, met data
- Een kopie van je ingebrekestelling en het verzendbewijs
Zo pak je het aan
- Vul de datum in waarop je stuk binnenkwam Hieronder zie je tot wanneer de instantie had om te beslissen.
- Schrijf de ingebrekestelling Zet het woord ingebrekestelling erin, noem de dag waarop de termijn verliep en vraag om een besluit binnen twee weken. Een vriendelijk rappel telt niet.
- Reken uit vanaf wanneer de dwangsom loopt Vul hieronder in wanneer de instantie je brief ontving. Je ziet dan de eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is en wat hij ten hoogste kan worden.
- Komt er dan nog niets: naar de rechtbank Beroep wegens niet tijdig beslissen kan vanaf diezelfde dag. Er staat geen termijn op, maar wacht er niet onredelijk lang mee.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Te vroeg in gebreke stellen, voordat de beslistermijn voorbij is. Dan gaat de klok niet lopen.
- Een rappel sturen zonder het woord ingebrekestelling en zonder de dag waarop de termijn verliep.
- De brief versturen zonder bewijs van ontvangst. De datum waarop de instantie hem binnenkreeg bepaalt alles.
Wat het kost
De ingebrekestelling is gratis. Beroep bij de rechtbank kost griffierecht; voor een laag inkomen geldt een lager tarief.
En daarna?
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan schriftelijk om. Komt er nog steeds geen besluit, dan kan de rechter de instantie een termijn opleggen met een eigen dwangsom erbovenop.
Waar dit op gebaseerd is (5 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Inkomen en schulden
Bijstand en schuldhulpverlening: hier zitten de kortste termijnen.
Je vroeg bijstand aan en er komt geen besluit (en geen voorschot)„Ik heb bijstand aangevraagd, ik heb geen geld, en er gebeurt niets.”
Op een bijstandsaanvraag staat de algemene termijn van acht weken. Maar er is iets dat eerder komt en dat veel mensen niet weten: de gemeente moet binnen VIER weken na je aanvraag een voorschot betalen zolang het recht nog niet is vastgesteld, en daarna telkens na vier weken opnieuw. Dat voorschot is een renteloze lening en je hoeft er niet om te vragen.
Let op. Wacht niet tot die acht weken om zijn als je geen geld hebt. Het voorschot moet er na vier weken al zijn. Er zijn twee uitzonderingen: als jij gevraagde gegevens verwijtbaar niet instuurt, en als bij de aanvraag al duidelijk is dat er geen recht bestaat.
Waar je het indient. Een brief of bericht aan de afdeling werk en inkomen van je gemeente.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 4:13 lid 2 Awb — „De in het eerste lid bedoelde redelijke termijn is in ieder geval verstreken wanneer het bestuursorgaan binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag geen beschikking heeft gegeven, noch een mededeling als bedoeld in artikel 4:14, derde lid, heeft gedaan.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 52 lid 1 Participatiewet — „Het college verleent uiterlijk binnen vier weken na de datum van aanvraag en vervolgens telkens uiterlijk na vier weken, bij wijze van voorschot algemene bijstand in de vorm van een renteloze geldlening, zolang het recht op algemene bijstand niet is vastgesteld. De eerste zin is niet van toepassing indien: a. de belanghebbende de voor de vaststelling van het recht op algemene bijstand van belang zijnde gegevens of de gevorderde bewijsstukken niet, niet tijdig of onvolledig heeft verstrekt en hem dit te verwijten valt, dan wel indien de belanghebbende anderszins onvoldoende medewerking verleent; b. bij de aanvraag duidelijk is dat geen recht op algemene bijstand bestaat.” (Participatiewet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Vanaf wanneer loopt de dwangsom?
Vul in op welke dag de instantie je ingebrekestelling ontving. Weet je dat niet precies, neem dan de dag waarop je hem verstuurde plus een paar dagen post - en bewaar het verzendbewijs.
De eerste dag waarover de dwangsom loopt is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de beslistermijn verliep EN de instantie je brief ontving. Stel je te vroeg in gebreke, dan telt de latere van die twee dagen.
De dwangsom loopt ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet geldt daar niet voor: die 42 dagen schuiven niet op voor een weekend of een feestdag.
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan om.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 1 lid 1 Algemene termijnenwet — „Een in een wet gestelde termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag eindigt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is.” (Algemene termijnenwet, versie 2026-01-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je kunt aanwijzen wanneer je stuk binnenkwam en welke termijn erop staat.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum
- De ontvangstbevestiging met het kenmerk
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie wel uitstel aankondigde, maar pas nadat de termijn om was.
Wat je meestuurt
- De brief met het uitstel, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:14 lid 3 Awb — „Indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het bestuursorgaan dit binnen deze termijn aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn binnen welke de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie de termijn stilzette voor aanvullende stukken en jij die hebt gestuurd.
Wat je meestuurt
- Het verzoek om aanvulling
- Het bewijs dat je de stukken instuurde, met datum
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:15 lid 1 Awb — „De termijn voor het geven van een beschikking wordt opgeschort met ingang van de dag na die waarop het bestuursorgaan: a. de aanvrager krachtens artikel 4:5 uitnodigt de aanvraag aan te vullen, tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken, of b. de aanvrager mededeelt dat voor de beschikking op de aanvraag redelijkerwijs noodzakelijke informatie aan een buitenlandse instantie is gevraagd, tot de dag waarop deze informatie is ontvangen of verder uitstel niet meer redelijk is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als je aanvraag meer dan vier weken geleden is en er nog geen cent is betaald.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag met de datum
- Je bankafschrift waaruit blijkt dat er niets is bijgeschreven
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 52 lid 1 Participatiewet — „Het college verleent uiterlijk binnen vier weken na de datum van aanvraag en vervolgens telkens uiterlijk na vier weken, bij wijze van voorschot algemene bijstand in de vorm van een renteloze geldlening, zolang het recht op algemene bijstand niet is vastgesteld. De eerste zin is niet van toepassing indien: a. de belanghebbende de voor de vaststelling van het recht op algemene bijstand van belang zijnde gegevens of de gevorderde bewijsstukken niet, niet tijdig of onvolledig heeft verstrekt en hem dit te verwijten valt, dan wel indien de belanghebbende anderszins onvoldoende medewerking verleent; b. bij de aanvraag duidelijk is dat geen recht op algemene bijstand bestaat.” (Participatiewet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum van indiening
- De ontvangstbevestiging
- Alles wat je sindsdien stuurde of besprak, met data
- Een kopie van je ingebrekestelling en het verzendbewijs
Zo pak je het aan
- Vul de datum in waarop je stuk binnenkwam Hieronder zie je tot wanneer de instantie had om te beslissen.
- Schrijf de ingebrekestelling Zet het woord ingebrekestelling erin, noem de dag waarop de termijn verliep en vraag om een besluit binnen twee weken. Een vriendelijk rappel telt niet.
- Reken uit vanaf wanneer de dwangsom loopt Vul hieronder in wanneer de instantie je brief ontving. Je ziet dan de eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is en wat hij ten hoogste kan worden.
- Komt er dan nog niets: naar de rechtbank Beroep wegens niet tijdig beslissen kan vanaf diezelfde dag. Er staat geen termijn op, maar wacht er niet onredelijk lang mee.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Te vroeg in gebreke stellen, voordat de beslistermijn voorbij is. Dan gaat de klok niet lopen.
- Een rappel sturen zonder het woord ingebrekestelling en zonder de dag waarop de termijn verliep.
- De brief versturen zonder bewijs van ontvangst. De datum waarop de instantie hem binnenkreeg bepaalt alles.
- Vergeten het voorschot te noemen. Dat loopt los van de beslistermijn en komt eerder.
Wat het kost
De ingebrekestelling is gratis. Beroep bij de rechtbank kost griffierecht; voor een laag inkomen geldt een lager tarief.
En daarna?
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan schriftelijk om. Komt er nog steeds geen besluit, dan kan de rechter de instantie een termijn opleggen met een eigen dwangsom erbovenop.
Waar dit op gebaseerd is (5 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Je meldde je voor schuldhulp en er komt geen gesprek„Ik heb me gemeld voor schuldhulpverlening en er wordt geen afspraak gemaakt.”
Het eerste gesprek, waarin je hulpvraag wordt vastgesteld, moet binnen vier weken plaatsvinden nadat je je bij de gemeente meldt. Dreigt een ontruiming, afsluiting van gas, water, licht of stadsverwarming, of het einde van je zorgverzekering, dan moet dat gesprek binnen DRIE WERKDAGEN plaatsvinden.
Let op. Bij een bedreigende situatie is het geen vier weken maar drie werkdagen. Noem die situatie dan met zoveel woorden in je bericht; de wet noemt gedwongen ontruiming, afsluiting van gas, elektriciteit, stadsverwarming of water, en opzegging of ontbinding van de zorgverzekering.
Waar je het indient. Een brief of bericht aan de schuldhulpverlening van je gemeente.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 4 lid 1 Wgs — „Het eerste gesprek waarin de schriftelijke of mondelinge hulpvraag wordt vastgesteld, vindt plaats binnen vier weken nadat: a. een inwoner zich tot het college wendt voor schuldhulpverlening; of b. het college een signaal als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, heeft ontvangen, in het geval de inwoner het aanbod heeft geaccepteerd.” (Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4 lid 2 Wgs — „Indien er sprake is van een bedreigende situatie vindt binnen drie werkdagen het eerste gesprek plaats waarin de hulpvraag wordt vastgesteld. Onder bedreigende situatie wordt verstaan gedwongen woningontruiming, beëindiging van de levering van gas, elektriciteit, stadsverwarming of water of opzegging dan wel ontbinding van de zorgverzekering.” (Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Hier loopt geen dwangsom
Het eerste gesprek is geen beschikking op aanvraag, dus hier loopt geen dwangsom. Wat wel kan: schriftelijk aandringen, en daarna een klacht bij de gemeente en zo nodig bij de Nationale ombudsman. De BESCHIKKING die na het gesprek komt, heeft wel een termijn - zie de volgende soort.
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je je meer dan vier weken geleden hebt gemeld.
Wat je meestuurt
- Het bewijs van je melding, met de datum
Kies dit alleen als er echt een ontruiming, afsluiting of opzegging van je zorgverzekering dreigt.
Wat je meestuurt
- De aanzegging van de ontruiming, de afsluiting of de opzegging
- Het bewijs van je melding, met de datum
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4 lid 2 Wgs — „Indien er sprake is van een bedreigende situatie vindt binnen drie werkdagen het eerste gesprek plaats waarin de hulpvraag wordt vastgesteld. Onder bedreigende situatie wordt verstaan gedwongen woningontruiming, beëindiging van de levering van gas, elektriciteit, stadsverwarming of water of opzegging dan wel ontbinding van de zorgverzekering.” (Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- Het bewijs van je melding, met de datum
- Wat er sindsdien is gebeurd, met data
- Een kopie van deze brief
Zo pak je het aan
- Vul de datum van je melding in Hieronder zie je tot wanneer de gemeente had om je uit te nodigen.
- Noem een bedreigende situatie met zoveel woorden Dreigt ontruiming of afsluiting, schrijf dat dan letterlijk op. Dan gaat de termijn van drie werkdagen gelden in plaats van vier weken.
- Vraag schriftelijk om een afspraak Zet er een termijn bij waarbinnen je antwoord verwacht, en bewaar een kopie.
- Komt er niets: dien een klacht in Dat kan bij de gemeente zelf, en daarna bij de Nationale ombudsman. Kijk bij "Je klacht wordt niet afgehandeld" op deze pagina.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Blijven bellen zonder iets op papier. Zonder schriftelijk spoor sta je later met lege handen.
- Een dreigende ontruiming of afsluiting niet noemen. Dan geldt vier weken in plaats van drie werkdagen.
- Denken dat een dwangsom hier helpt. Op het eerste gesprek staat geen dwangsom.
Wat het kost
Niets. Schuldhulpverlening van de gemeente is gratis.
En daarna?
Na het eerste gesprek moet er een beschikking komen: een plan van aanpak of een weigering. Daarvoor geldt wel een beslistermijn, en tegen die beschikking kun je bezwaar maken.
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4 lid 1 Wgs — „Het eerste gesprek waarin de schriftelijke of mondelinge hulpvraag wordt vastgesteld, vindt plaats binnen vier weken nadat: a. een inwoner zich tot het college wendt voor schuldhulpverlening; of b. het college een signaal als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, heeft ontvangen, in het geval de inwoner het aanbod heeft geaccepteerd.” (Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Het gesprek over schuldhulp is geweest, maar er komt geen beschikking„Ik heb het gesprek gehad over mijn schulden en ik krijg niets op papier.”
Na het eerste gesprek hoort er een beschikking te komen: een plan van aanpak, of een weigering. Zonder die beschikking kun je nergens bezwaar tegen maken en sta je stil. Hoe lang de gemeente daarvoor heeft staat in haar eigen verordening, maar de wet zegt: hoogstens acht weken.
Let op. Acht weken is het MAXIMUM. Kijk in de verordening schuldhulpverlening van je eigen gemeente: staat daar een kortere termijn, dan geldt die en ben je eerder aan zet. Een beschikking mag alleen achterwege blijven als jij in dat gesprek zelf hebt gezegd dat je ervan afziet.
Waar je het indient. Een brief of bericht aan de schuldhulpverlening van je gemeente.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 4a lid 3 Wgs — „De beschikking, bedoeld in het eerste lid, wordt gegeven binnen een bij gemeentelijke verordening te bepalen termijn. Deze termijn bedraagt maximaal acht weken.” (Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4a lid 1 Wgs — „Na het eerste gesprek, bedoeld in artikel 4, eerste lid, wordt een beschikking afgegeven, inhoudende: a. het plan van aanpak; of b. een weigering tot schuldhulpverlening.” (Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Vanaf wanneer loopt de dwangsom?
Vul in op welke dag de instantie je ingebrekestelling ontving. Weet je dat niet precies, neem dan de dag waarop je hem verstuurde plus een paar dagen post - en bewaar het verzendbewijs.
De eerste dag waarover de dwangsom loopt is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de beslistermijn verliep EN de instantie je brief ontving. Stel je te vroeg in gebreke, dan telt de latere van die twee dagen.
De dwangsom loopt ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet geldt daar niet voor: die 42 dagen schuiven niet op voor een weekend of een feestdag.
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan om.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 1 lid 1 Algemene termijnenwet — „Een in een wet gestelde termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag eindigt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is.” (Algemene termijnenwet, versie 2026-01-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je kunt aanwijzen wanneer je stuk binnenkwam en welke termijn erop staat.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum
- De ontvangstbevestiging met het kenmerk
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie wel uitstel aankondigde, maar pas nadat de termijn om was.
Wat je meestuurt
- De brief met het uitstel, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:14 lid 3 Awb — „Indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het bestuursorgaan dit binnen deze termijn aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn binnen welke de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie de termijn stilzette voor aanvullende stukken en jij die hebt gestuurd.
Wat je meestuurt
- Het verzoek om aanvulling
- Het bewijs dat je de stukken instuurde, met datum
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:15 lid 1 Awb — „De termijn voor het geven van een beschikking wordt opgeschort met ingang van de dag na die waarop het bestuursorgaan: a. de aanvrager krachtens artikel 4:5 uitnodigt de aanvraag aan te vullen, tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken, of b. de aanvrager mededeelt dat voor de beschikking op de aanvraag redelijkerwijs noodzakelijke informatie aan een buitenlandse instantie is gevraagd, tot de dag waarop deze informatie is ontvangen of verder uitstel niet meer redelijk is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum van indiening
- De ontvangstbevestiging
- Alles wat je sindsdien stuurde of besprak, met data
- Een kopie van je ingebrekestelling en het verzendbewijs
Zo pak je het aan
- Vul de datum in waarop je stuk binnenkwam Hieronder zie je tot wanneer de instantie had om te beslissen.
- Schrijf de ingebrekestelling Zet het woord ingebrekestelling erin, noem de dag waarop de termijn verliep en vraag om een besluit binnen twee weken. Een vriendelijk rappel telt niet.
- Reken uit vanaf wanneer de dwangsom loopt Vul hieronder in wanneer de instantie je brief ontving. Je ziet dan de eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is en wat hij ten hoogste kan worden.
- Komt er dan nog niets: naar de rechtbank Beroep wegens niet tijdig beslissen kan vanaf diezelfde dag. Er staat geen termijn op, maar wacht er niet onredelijk lang mee.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Te vroeg in gebreke stellen, voordat de beslistermijn voorbij is. Dan gaat de klok niet lopen.
- Een rappel sturen zonder het woord ingebrekestelling en zonder de dag waarop de termijn verliep.
- De brief versturen zonder bewijs van ontvangst. De datum waarop de instantie hem binnenkreeg bepaalt alles.
- De verordening van je eigen gemeente niet opzoeken. Die staat op overheid.nl en kan een kortere termijn noemen dan acht weken.
Wat het kost
De ingebrekestelling is gratis. Beroep bij de rechtbank kost griffierecht; voor een laag inkomen geldt een lager tarief.
En daarna?
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan schriftelijk om. Komt er nog steeds geen besluit, dan kan de rechter de instantie een termijn opleggen met een eigen dwangsom erbovenop.
Waar dit op gebaseerd is (5 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Wonen en vergunningen
Een vergunning voor je huis, of urgentie voor een woning.
Je vroeg een omgevingsvergunning aan en er komt geen besluit„Mijn aanvraag voor een dakkapel, uitbouw of kapvergunning ligt er al weken.”
Op een gewone omgevingsvergunning staat acht weken, gerekend vanaf de ontvangst van je aanvraag. Het bevoegd gezag mag die termijn eenmaal met hoogstens zes weken verlengen, maar moet dat besluit BINNEN de beslistermijn bekendmaken. Doet het dat later, dan geldt de oorspronkelijke acht weken.
Let op. Moet een ander bestuursorgaan instemmen, dan is het twaalf weken in plaats van acht. Bij de uitgebreide procedure - die komt bij een bewoner zelden voor - geldt zes maanden. Een vergunning van rechtswege bestaat hier niet meer.
Waar je het indient. Een brief of bericht aan de afdeling vergunningen van je gemeente.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken of, als de voorgenomen beslissing op de aanvraag instemming als bedoeld in artikel 16.16 behoeft, binnen twaalf weken na ontvangst van de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten hoogste zes weken verlengen. Dit besluit wordt bekendgemaakt binnen de beslistermijn.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Vanaf wanneer loopt de dwangsom?
Vul in op welke dag de instantie je ingebrekestelling ontving. Weet je dat niet precies, neem dan de dag waarop je hem verstuurde plus een paar dagen post - en bewaar het verzendbewijs.
De eerste dag waarover de dwangsom loopt is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de beslistermijn verliep EN de instantie je brief ontving. Stel je te vroeg in gebreke, dan telt de latere van die twee dagen.
De dwangsom loopt ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet geldt daar niet voor: die 42 dagen schuiven niet op voor een weekend of een feestdag.
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan om.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 1 lid 1 Algemene termijnenwet — „Een in een wet gestelde termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag eindigt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is.” (Algemene termijnenwet, versie 2026-01-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je kunt aanwijzen wanneer je stuk binnenkwam en welke termijn erop staat.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum
- De ontvangstbevestiging met het kenmerk
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie wel uitstel aankondigde, maar pas nadat de termijn om was.
Wat je meestuurt
- De brief met het uitstel, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:14 lid 3 Awb — „Indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het bestuursorgaan dit binnen deze termijn aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn binnen welke de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie de termijn stilzette voor aanvullende stukken en jij die hebt gestuurd.
Wat je meestuurt
- Het verzoek om aanvulling
- Het bewijs dat je de stukken instuurde, met datum
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:15 lid 1 Awb — „De termijn voor het geven van een beschikking wordt opgeschort met ingang van de dag na die waarop het bestuursorgaan: a. de aanvrager krachtens artikel 4:5 uitnodigt de aanvraag aan te vullen, tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken, of b. de aanvrager mededeelt dat voor de beschikking op de aanvraag redelijkerwijs noodzakelijke informatie aan een buitenlandse instantie is gevraagd, tot de dag waarop deze informatie is ontvangen of verder uitstel niet meer redelijk is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum van indiening
- De ontvangstbevestiging
- Alles wat je sindsdien stuurde of besprak, met data
- Een kopie van je ingebrekestelling en het verzendbewijs
Zo pak je het aan
- Vul de datum in waarop je stuk binnenkwam Hieronder zie je tot wanneer de instantie had om te beslissen.
- Schrijf de ingebrekestelling Zet het woord ingebrekestelling erin, noem de dag waarop de termijn verliep en vraag om een besluit binnen twee weken. Een vriendelijk rappel telt niet.
- Reken uit vanaf wanneer de dwangsom loopt Vul hieronder in wanneer de instantie je brief ontving. Je ziet dan de eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is en wat hij ten hoogste kan worden.
- Komt er dan nog niets: naar de rechtbank Beroep wegens niet tijdig beslissen kan vanaf diezelfde dag. Er staat geen termijn op, maar wacht er niet onredelijk lang mee.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Te vroeg in gebreke stellen, voordat de beslistermijn voorbij is. Dan gaat de klok niet lopen.
- Een rappel sturen zonder het woord ingebrekestelling en zonder de dag waarop de termijn verliep.
- De brief versturen zonder bewijs van ontvangst. De datum waarop de instantie hem binnenkreeg bepaalt alles.
- Een verlenging accepteren die pas na de acht weken is bekendgemaakt. Dat mag niet: het verlengingsbesluit moet binnen de beslistermijn bekend worden gemaakt.
Wat het kost
De ingebrekestelling is gratis. Beroep bij de rechtbank kost griffierecht; voor een laag inkomen geldt een lager tarief.
En daarna?
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan schriftelijk om. Komt er nog steeds geen besluit, dan kan de rechter de instantie een termijn opleggen met een eigen dwangsom erbovenop.
Waar dit op gebaseerd is (5 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Je vroeg een urgentieverklaring of huisvestingsvergunning aan en hoort niets„Ik heb urgentie aangevraagd voor een woning en er komt maar geen beslissing.”
De Huisvestingswet noemt voor een urgentieverklaring geen eigen beslistermijn. Dan geldt de uiterste redelijke termijn van acht weken. Veel gemeenten hebben in hun huisvestingsverordening een kortere termijn gezet - kijk daar eerst.
Let op. Staat er in de huisvestingsverordening van jouw gemeente een kortere termijn, dan is die leidend en ben je eerder aan zet. Die verordening vind je op overheid.nl bij "lokale regelgeving".
Waar je het indient. Een brief of bericht aan de afdeling wonen van je gemeente.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 4:13 lid 1 Awb — „Een beschikking dient te worden gegeven binnen de bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn of, bij het ontbreken van zulk een termijn, binnen een redelijke termijn na ontvangst van de aanvraag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:13 lid 2 Awb — „De in het eerste lid bedoelde redelijke termijn is in ieder geval verstreken wanneer het bestuursorgaan binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag geen beschikking heeft gegeven, noch een mededeling als bedoeld in artikel 4:14, derde lid, heeft gedaan.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Vanaf wanneer loopt de dwangsom?
Vul in op welke dag de instantie je ingebrekestelling ontving. Weet je dat niet precies, neem dan de dag waarop je hem verstuurde plus een paar dagen post - en bewaar het verzendbewijs.
De eerste dag waarover de dwangsom loopt is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de beslistermijn verliep EN de instantie je brief ontving. Stel je te vroeg in gebreke, dan telt de latere van die twee dagen.
De dwangsom loopt ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet geldt daar niet voor: die 42 dagen schuiven niet op voor een weekend of een feestdag.
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan om.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 1 lid 1 Algemene termijnenwet — „Een in een wet gestelde termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag eindigt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is.” (Algemene termijnenwet, versie 2026-01-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je kunt aanwijzen wanneer je stuk binnenkwam en welke termijn erop staat.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum
- De ontvangstbevestiging met het kenmerk
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie wel uitstel aankondigde, maar pas nadat de termijn om was.
Wat je meestuurt
- De brief met het uitstel, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:14 lid 3 Awb — „Indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het bestuursorgaan dit binnen deze termijn aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn binnen welke de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie de termijn stilzette voor aanvullende stukken en jij die hebt gestuurd.
Wat je meestuurt
- Het verzoek om aanvulling
- Het bewijs dat je de stukken instuurde, met datum
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:15 lid 1 Awb — „De termijn voor het geven van een beschikking wordt opgeschort met ingang van de dag na die waarop het bestuursorgaan: a. de aanvrager krachtens artikel 4:5 uitnodigt de aanvraag aan te vullen, tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken, of b. de aanvrager mededeelt dat voor de beschikking op de aanvraag redelijkerwijs noodzakelijke informatie aan een buitenlandse instantie is gevraagd, tot de dag waarop deze informatie is ontvangen of verder uitstel niet meer redelijk is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum van indiening
- De ontvangstbevestiging
- Alles wat je sindsdien stuurde of besprak, met data
- Een kopie van je ingebrekestelling en het verzendbewijs
Zo pak je het aan
- Vul de datum in waarop je stuk binnenkwam Hieronder zie je tot wanneer de instantie had om te beslissen.
- Schrijf de ingebrekestelling Zet het woord ingebrekestelling erin, noem de dag waarop de termijn verliep en vraag om een besluit binnen twee weken. Een vriendelijk rappel telt niet.
- Reken uit vanaf wanneer de dwangsom loopt Vul hieronder in wanneer de instantie je brief ontving. Je ziet dan de eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is en wat hij ten hoogste kan worden.
- Komt er dan nog niets: naar de rechtbank Beroep wegens niet tijdig beslissen kan vanaf diezelfde dag. Er staat geen termijn op, maar wacht er niet onredelijk lang mee.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Te vroeg in gebreke stellen, voordat de beslistermijn voorbij is. Dan gaat de klok niet lopen.
- Een rappel sturen zonder het woord ingebrekestelling en zonder de dag waarop de termijn verliep.
- De brief versturen zonder bewijs van ontvangst. De datum waarop de instantie hem binnenkreeg bepaalt alles.
Wat het kost
De ingebrekestelling is gratis. Beroep bij de rechtbank kost griffierecht; voor een laag inkomen geldt een lager tarief.
En daarna?
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan schriftelijk om. Komt er nog steeds geen besluit, dan kan de rechter de instantie een termijn opleggen met een eigen dwangsom erbovenop.
Waar dit op gebaseerd is (5 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stukken opvragen
Een verzoek om documenten bij een bestuursorgaan.
Je vroeg stukken op (Woo-verzoek) en krijgt ze niet„Ik heb documenten opgevraagd bij de gemeente en er komt geen antwoord.”
Op een verzoek om informatie staat vier weken, gerekend vanaf de dag na ontvangst. Het bestuursorgaan mag dat eenmaal met hoogstens twee weken verdagen, en moet dat VOOR het einde van de eerste termijn schriftelijk en gemotiveerd melden. Dit is de kortste termijn op deze pagina.
Let op. Gaat het om stukken die over iemand anders gaan of van iemand anders komen, dan mag de termijn worden stilgezet terwijl die derde zijn zienswijze geeft. Dat moet het bestuursorgaan je wel melden, met de nieuwe uiterste dag erbij.
Waar je het indient. Een brief of bericht aan datzelfde bestuursorgaan.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 4.4 lid 1 Woo — „Het bestuursorgaan beslist op het verzoek om informatie zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vier weken gerekend vanaf de dag na die waarop het verzoek is ontvangen.” (Wet open overheid, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4.4 lid 2 Woo — „Het bestuursorgaan kan de beslissing voor ten hoogste twee weken verdagen, indien de omvang of de gecompliceerdheid van de informatie een verlenging rechtvaardigt. Van de verdaging wordt voor de afloop van de eerste termijn schriftelijk gemotiveerd mededeling gedaan aan de verzoeker.” (Wet open overheid, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Hier loopt geen dwangsom
Bij een Woo-verzoek loopt GEEN dwangsom: de dwangsomregeling is voor deze besluiten uitgezonderd. Wat wel kan, en meteen: rechtstreeks beroep bij de rechtbank wegens niet tijdig beslissen, nadat je in gebreke hebt gesteld en twee weken hebt gewacht. De rechter kan daarbij zelf een dwangsom opleggen.
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je kunt aanwijzen wanneer je stuk binnenkwam en welke termijn erop staat.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum
- De ontvangstbevestiging met het kenmerk
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie wel uitstel aankondigde, maar pas nadat de termijn om was.
Wat je meestuurt
- De brief met het uitstel, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:14 lid 3 Awb — „Indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het bestuursorgaan dit binnen deze termijn aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn binnen welke de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie de termijn stilzette voor aanvullende stukken en jij die hebt gestuurd.
Wat je meestuurt
- Het verzoek om aanvulling
- Het bewijs dat je de stukken instuurde, met datum
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:15 lid 1 Awb — „De termijn voor het geven van een beschikking wordt opgeschort met ingang van de dag na die waarop het bestuursorgaan: a. de aanvrager krachtens artikel 4:5 uitnodigt de aanvraag aan te vullen, tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken, of b. de aanvrager mededeelt dat voor de beschikking op de aanvraag redelijkerwijs noodzakelijke informatie aan een buitenlandse instantie is gevraagd, tot de dag waarop deze informatie is ontvangen of verder uitstel niet meer redelijk is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum van indiening
- De ontvangstbevestiging
- Alles wat je sindsdien stuurde of besprak, met data
- Een kopie van je ingebrekestelling en het verzendbewijs
Zo pak je het aan
- Vul de datum in waarop je stuk binnenkwam Hieronder zie je tot wanneer de instantie had om te beslissen.
- Schrijf de ingebrekestelling Zet het woord ingebrekestelling erin, noem de dag waarop de termijn verliep en vraag om een besluit binnen twee weken. Een vriendelijk rappel telt niet.
- Reken uit vanaf wanneer de dwangsom loopt Vul hieronder in wanneer de instantie je brief ontving. Je ziet dan de eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is en wat hij ten hoogste kan worden.
- Komt er dan nog niets: naar de rechtbank Beroep wegens niet tijdig beslissen kan vanaf diezelfde dag. Er staat geen termijn op, maar wacht er niet onredelijk lang mee.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Te vroeg in gebreke stellen, voordat de beslistermijn voorbij is. Dan gaat de klok niet lopen.
- Een rappel sturen zonder het woord ingebrekestelling en zonder de dag waarop de termijn verliep.
- De brief versturen zonder bewijs van ontvangst. De datum waarop de instantie hem binnenkreeg bepaalt alles.
- Rekenen op een dwangsom. Die is hier uitgezonderd; de weg is de ingebrekestelling en daarna de rechter.
Wat het kost
De ingebrekestelling is gratis. Beroep bij de rechtbank kost griffierecht; voor een laag inkomen geldt een lager tarief.
En daarna?
Blijft het stil, dan kun je twee weken na je ingebrekestelling beroep instellen bij de rechtbank wegens niet tijdig beslissen. De rechter kan het bestuursorgaan een termijn opleggen en daar zelf een dwangsom aan verbinden.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 3 Awb — „Indien redelijkerwijs niet van de belanghebbende kan worden gevergd dat hij het bestuursorgaan in gebreke stelt, kan het beroepschrift worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Bezwaar en klacht
Je hebt al bezwaar gemaakt of een klacht ingediend, en ook daar blijft het stil.
Je maakte bezwaar en er komt geen beslissing op je bezwaar„Ik heb bezwaar gemaakt, de hoorzitting is al geweest, en ik hoor niets meer.”
Op een bezwaar staat zes weken, of twaalf weken als er een bezwaarcommissie is. Dat wordt geteld vanaf de dag na die waarop de bezwaartermijn afliep - dus niet vanaf de dag dat jij je bezwaar instuurde. Het bestuursorgaan mag eenmaal zes weken verdagen, en moet elk uitstel schriftelijk melden.
Let op. Reken vanaf de dag na het einde van de BEZWAARTERMIJN, niet vanaf de dag dat je je bezwaar verstuurde. Is er een bezwaarcommissie, zet de termijn dan op twaalf weken. Bij een Wlz-besluit is het zelfs eenentwintig weken.
Waar je het indient. Een brief of bericht aan datzelfde bestuursorgaan, met je bezwaarnummer.
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 7:10 lid 1 Awb — „Het bestuursorgaan beslist binnen zes weken of - indien een commissie als bedoeld in artikel 7:13 is ingesteld - binnen twaalf weken, gerekend vanaf de dag na die waarop de termijn voor het indienen van het bezwaarschrift is verstreken.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 7:10 lid 3 Awb — „Het bestuursorgaan kan de beslissing voor ten hoogste zes weken verdagen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 7:10 lid 5 Awb — „Indien toepassing is gegeven aan het tweede, derde of vierde lid, doet het bestuursorgaan hiervan schriftelijk mededeling aan belanghebbenden.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Vanaf wanneer loopt de dwangsom?
Vul in op welke dag de instantie je ingebrekestelling ontving. Weet je dat niet precies, neem dan de dag waarop je hem verstuurde plus een paar dagen post - en bewaar het verzendbewijs.
De eerste dag waarover de dwangsom loopt is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de beslistermijn verliep EN de instantie je brief ontving. Stel je te vroeg in gebreke, dan telt de latere van die twee dagen.
De dwangsom loopt ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet geldt daar niet voor: die 42 dagen schuiven niet op voor een weekend of een feestdag.
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan om.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 1 lid 1 Algemene termijnenwet — „Een in een wet gestelde termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag eindigt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is.” (Algemene termijnenwet, versie 2026-01-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je kunt aanwijzen wanneer je stuk binnenkwam en welke termijn erop staat.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum
- De ontvangstbevestiging met het kenmerk
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie wel uitstel aankondigde, maar pas nadat de termijn om was.
Wat je meestuurt
- De brief met het uitstel, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:14 lid 3 Awb — „Indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het bestuursorgaan dit binnen deze termijn aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn binnen welke de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie de termijn stilzette voor aanvullende stukken en jij die hebt gestuurd.
Wat je meestuurt
- Het verzoek om aanvulling
- Het bewijs dat je de stukken instuurde, met datum
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:15 lid 1 Awb — „De termijn voor het geven van een beschikking wordt opgeschort met ingang van de dag na die waarop het bestuursorgaan: a. de aanvrager krachtens artikel 4:5 uitnodigt de aanvraag aan te vullen, tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken, of b. de aanvrager mededeelt dat voor de beschikking op de aanvraag redelijkerwijs noodzakelijke informatie aan een buitenlandse instantie is gevraagd, tot de dag waarop deze informatie is ontvangen of verder uitstel niet meer redelijk is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum van indiening
- De ontvangstbevestiging
- Alles wat je sindsdien stuurde of besprak, met data
- Een kopie van je ingebrekestelling en het verzendbewijs
- Het besluit waartegen je bezwaar maakte, met de datum erop
Zo pak je het aan
- Vul de datum in waarop je stuk binnenkwam Hieronder zie je tot wanneer de instantie had om te beslissen.
- Schrijf de ingebrekestelling Zet het woord ingebrekestelling erin, noem de dag waarop de termijn verliep en vraag om een besluit binnen twee weken. Een vriendelijk rappel telt niet.
- Reken uit vanaf wanneer de dwangsom loopt Vul hieronder in wanneer de instantie je brief ontving. Je ziet dan de eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is en wat hij ten hoogste kan worden.
- Komt er dan nog niets: naar de rechtbank Beroep wegens niet tijdig beslissen kan vanaf diezelfde dag. Er staat geen termijn op, maar wacht er niet onredelijk lang mee.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Te vroeg in gebreke stellen, voordat de beslistermijn voorbij is. Dan gaat de klok niet lopen.
- Een rappel sturen zonder het woord ingebrekestelling en zonder de dag waarop de termijn verliep.
- De brief versturen zonder bewijs van ontvangst. De datum waarop de instantie hem binnenkreeg bepaalt alles.
- Tellen vanaf de dag dat je je bezwaar instuurde. De klok begint pas na het einde van de bezwaartermijn van zes weken.
Wat het kost
De ingebrekestelling is gratis. Beroep bij de rechtbank kost griffierecht; voor een laag inkomen geldt een lager tarief.
En daarna?
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan schriftelijk om. Komt er nog steeds geen besluit, dan kan de rechter de instantie een termijn opleggen met een eigen dwangsom erbovenop.
Waar dit op gebaseerd is (5 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Je klacht over de behandeling wordt niet afgehandeld„Ik heb een klacht ingediend over hoe ik behandeld ben en er gebeurt niets.”
Een klacht gaat niet over een besluit maar over een gedraging: niet teruggebeld worden, onheus bejegend worden, maanden niets horen. Het bestuursorgaan moet een klacht binnen zes weken afhandelen, of tien weken als er een klachtencommissie aan te pas komt, en mag dat eenmaal met vier weken verdagen.
Let op. Op een klacht loopt GEEN dwangsom en je kunt er niet mee naar de bestuursrechter: een klacht is geen besluit op aanvraag. De weg is de Nationale ombudsman, en die neemt je zaak pas aan nadat het bestuursorgaan zelf de kans heeft gehad.
Waar je het indient. Een brief of bericht aan het bestuursorgaan. Zet het woord KLACHT erboven.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 9:11 lid 1 Awb — „Het bestuursorgaan handelt de klacht af binnen zes weken of - indien afdeling 9.1.3 van toepassing is - binnen tien weken na ontvangst van het klaagschrift.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 9:11 lid 2 Awb — „Het bestuursorgaan kan de afhandeling voor ten hoogste vier weken verdagen. Van de verdaging wordt schriftelijk mededeling gedaan aan de klager en aan degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Hier loopt geen dwangsom
Hier loopt geen dwangsom en er is geen beroep bij de bestuursrechter. Wat wel werkt: de termijn van zes weken noemen, schriftelijk aandringen, en daarna naar de Nationale ombudsman. Dat is gratis.
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je je klacht kunt dateren en er meer dan zes weken voorbij zijn.
Wat je meestuurt
- Je klachtbrief met de datum
- De ontvangstbevestiging
Kies dit als de instantie wel vier weken uitstel aankondigde en ook dat is voorbij.
Wat je meestuurt
- De brief met de verdaging, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 9:11 lid 2 Awb — „Het bestuursorgaan kan de afhandeling voor ten hoogste vier weken verdagen. Van de verdaging wordt schriftelijk mededeling gedaan aan de klager en aan degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- Je klachtbrief met de datum
- De ontvangstbevestiging
- Alles wat je sindsdien hoorde of niet hoorde, met data
Zo pak je het aan
- Vul de datum van je klacht in Hieronder zie je tot wanneer het bestuursorgaan had om je klacht af te handelen.
- Dring schriftelijk aan Noem de termijn van zes weken en vraag om afhandeling binnen twee weken.
- Daarna naar de Nationale ombudsman Dat is gratis en kan zonder advocaat. De ombudsman wil wel zien dat het bestuursorgaan zelf eerst de kans heeft gehad.
- Gaat het toch over een BESLUIT? Dan is dit niet de goede weg Ben je het oneens met een beslissing, dan is bezwaar de weg, en daar staat een harde termijn van zes weken op. Kijk op het tabblad Bezwaar maken.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Een bezwaar een klacht noemen. Gaat het over een beslissing, dan verlies je met een klacht je bezwaartermijn van zes weken.
- Naar de ombudsman gaan voordat het bestuursorgaan zelf de kans heeft gehad.
- Geen kopie bewaren van de klacht en de datum.
Wat het kost
Niets. Een klacht en de Nationale ombudsman zijn gratis.
En daarna?
Handelt het bestuursorgaan je klacht alsnog af, dan krijg je schriftelijk bericht over de bevindingen en de conclusies. Ben je het daar niet mee eens, of blijft het stil, dan kun je naar de Nationale ombudsman.
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 9:11 lid 1 Awb — „Het bestuursorgaan handelt de klacht af binnen zes weken of - indien afdeling 9.1.3 van toepassing is - binnen tien weken na ontvangst van het klaagschrift.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Toeslagen en de rest
Toeslagen hebben een eigen regeling, en onderaan staat de restbak.
De Dienst Toeslagen beslist niet op je aanvraag of je bezwaar„Ik wacht al maanden op een beslissing over mijn huurtoeslag of zorgtoeslag.”
Ook bij toeslagen geldt de uiterste redelijke termijn van acht weken, en ook daar kun je in gebreke stellen. Maar de dwangsom is er veel lager dan elders: tien euro per week met een maximum van honderd euro, en soms dertig euro. De ingebrekestelling zelf werkt wel gewoon.
Let op. De dwangsom is hier tien euro per week met een maximum van honderd euro - niet de bedragen die elders op deze pagina staan. Dat maakt de ingebrekestelling niet minder nuttig: zij zet de klok in gang voor beroep bij de rechtbank.
Waar je het indient. Een brief aan de Dienst Toeslagen, met je burgerservicenummer en het beschikkingsnummer.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 4:13 lid 2 Awb — „De in het eerste lid bedoelde redelijke termijn is in ieder geval verstreken wanneer het bestuursorgaan binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag geen beschikking heeft gegeven, noch een mededeling als bedoeld in artikel 4:14, derde lid, heeft gedaan.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 12 lid 2 Awir — „Paragraaf 4.1.3.2 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing op beschikkingen van de Dienst Toeslagen met uitzondering van de beschikking tot toekenning van de tegemoetkoming, bedoeld in artikel 14, alsmede beslissingen op bezwaarschriften tegen deze beschikkingen, met dien verstande dat: a. een door de Dienst Toeslagen verbeurde dwangsom € 10 bedraagt voor elke week dat hij in gebreke is, doch ten hoogste € 100, tenzij de toekenning van de tegemoetkoming leidt tot een na te betalen of terug te vorderen bedrag kleiner dan € 100 in welk geval de verbeurde dwangsom ten hoogste € 30 bedraagt; b. de Dienst Toeslagen geen dwangsom verbeurt indien de toekenning van de tegemoetkoming leidt tot een na te betalen of terug te vorderen bedrag kleiner dan € 30.” (Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, versie 2026-01-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Vanaf wanneer loopt de dwangsom?
Vul in op welke dag de instantie je ingebrekestelling ontving. Weet je dat niet precies, neem dan de dag waarop je hem verstuurde plus een paar dagen post - en bewaar het verzendbewijs.
Bij de Dienst Toeslagen geldt een eigen, veel lagere regeling: tien euro per week dat zij in gebreke is, met een maximum van honderd euro. Is het na te betalen of terug te vorderen bedrag kleiner dan honderd euro, dan is het ten hoogste dertig euro.
Wij rekenen hier geen bedrag uit: de wet noemt voor toeslagen een bedrag per WEEK, en per hoeveel dagen dat precies wordt geteld staat er niet bij. De datums hieronder kloppen wel.
De eerste dag waarover de dwangsom loopt is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de beslistermijn verliep EN de instantie je brief ontving. Stel je te vroeg in gebreke, dan telt de latere van die twee dagen.
De dwangsom loopt ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet geldt daar niet voor: die 42 dagen schuiven niet op voor een weekend of een feestdag.
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan om.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 1 lid 1 Algemene termijnenwet — „Een in een wet gestelde termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag eindigt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is.” (Algemene termijnenwet, versie 2026-01-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je kunt aanwijzen wanneer je stuk binnenkwam en welke termijn erop staat.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum
- De ontvangstbevestiging met het kenmerk
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie wel uitstel aankondigde, maar pas nadat de termijn om was.
Wat je meestuurt
- De brief met het uitstel, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:14 lid 3 Awb — „Indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het bestuursorgaan dit binnen deze termijn aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn binnen welke de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie de termijn stilzette voor aanvullende stukken en jij die hebt gestuurd.
Wat je meestuurt
- Het verzoek om aanvulling
- Het bewijs dat je de stukken instuurde, met datum
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:15 lid 1 Awb — „De termijn voor het geven van een beschikking wordt opgeschort met ingang van de dag na die waarop het bestuursorgaan: a. de aanvrager krachtens artikel 4:5 uitnodigt de aanvraag aan te vullen, tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken, of b. de aanvrager mededeelt dat voor de beschikking op de aanvraag redelijkerwijs noodzakelijke informatie aan een buitenlandse instantie is gevraagd, tot de dag waarop deze informatie is ontvangen of verder uitstel niet meer redelijk is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum van indiening
- De ontvangstbevestiging
- Alles wat je sindsdien stuurde of besprak, met data
- Een kopie van je ingebrekestelling en het verzendbewijs
Zo pak je het aan
- Vul de datum in waarop je stuk binnenkwam Hieronder zie je tot wanneer de instantie had om te beslissen.
- Schrijf de ingebrekestelling Zet het woord ingebrekestelling erin, noem de dag waarop de termijn verliep en vraag om een besluit binnen twee weken. Een vriendelijk rappel telt niet.
- Reken uit vanaf wanneer de dwangsom loopt Vul hieronder in wanneer de instantie je brief ontving. Je ziet dan de eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is en wat hij ten hoogste kan worden.
- Komt er dan nog niets: naar de rechtbank Beroep wegens niet tijdig beslissen kan vanaf diezelfde dag. Er staat geen termijn op, maar wacht er niet onredelijk lang mee.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Te vroeg in gebreke stellen, voordat de beslistermijn voorbij is. Dan gaat de klok niet lopen.
- Een rappel sturen zonder het woord ingebrekestelling en zonder de dag waarop de termijn verliep.
- De brief versturen zonder bewijs van ontvangst. De datum waarop de instantie hem binnenkreeg bepaalt alles.
- Rekenen met de gewone dwangsombedragen. Bij toeslagen is het tien euro per week, hoogstens honderd euro.
Wat het kost
De ingebrekestelling is gratis. Beroep bij de rechtbank kost griffierecht; voor een laag inkomen geldt een lager tarief.
En daarna?
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan schriftelijk om. Komt er nog steeds geen besluit, dan kan de rechter de instantie een termijn opleggen met een eigen dwangsom erbovenop.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 12 lid 2 Awir — „Paragraaf 4.1.3.2 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing op beschikkingen van de Dienst Toeslagen met uitzondering van de beschikking tot toekenning van de tegemoetkoming, bedoeld in artikel 14, alsmede beslissingen op bezwaarschriften tegen deze beschikkingen, met dien verstande dat: a. een door de Dienst Toeslagen verbeurde dwangsom € 10 bedraagt voor elke week dat hij in gebreke is, doch ten hoogste € 100, tenzij de toekenning van de tegemoetkoming leidt tot een na te betalen of terug te vorderen bedrag kleiner dan € 100 in welk geval de verbeurde dwangsom ten hoogste € 30 bedraagt; b. de Dienst Toeslagen geen dwangsom verbeurt indien de toekenning van de tegemoetkoming leidt tot een na te betalen of terug te vorderen bedrag kleiner dan € 30.” (Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, versie 2026-01-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Iets anders: je vroeg iets aan bij een instantie en er komt geen besluit„Mijn aanvraag staat hierboven niet tussen, maar ik hoor al weken niets.”
Staat jouw aanvraag hierboven niet tussen, dan geldt bijna altijd dezelfde regel: is er geen eigen wettelijke termijn, dan is acht weken na ontvangst de uiterste redelijke termijn. Zoek eerst of er een eigen termijn is - in je ontvangstbevestiging, op de site van de instantie of in de verordening van je gemeente - en reken daarmee.
Let op. Acht weken is de BOVENgrens, niet de regel. Staat er ergens een kortere termijn - in de wet, in een verordening of in de brief die je kreeg - dan geldt die, en ben je eerder aan zet.
Waar je het indient. Een brief of bericht aan diezelfde instantie, met je kenmerk erbij.
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 4:13 lid 1 Awb — „Een beschikking dient te worden gegeven binnen de bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn of, bij het ontbreken van zulk een termijn, binnen een redelijke termijn na ontvangst van de aanvraag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:13 lid 2 Awb — „De in het eerste lid bedoelde redelijke termijn is in ieder geval verstreken wanneer het bestuursorgaan binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag geen beschikking heeft gegeven, noch een mededeling als bedoeld in artikel 4:14, derde lid, heeft gedaan.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:14 lid 3 Awb — „Indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het bestuursorgaan dit binnen deze termijn aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn binnen welke de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 1: is de termijn al voorbij?
Vul de datum in. Alles blijft op dit scherm: er gaat niets naar ons of naar de instantie.
Vanaf wanneer loopt de dwangsom?
Vul in op welke dag de instantie je ingebrekestelling ontving. Weet je dat niet precies, neem dan de dag waarop je hem verstuurde plus een paar dagen post - en bewaar het verzendbewijs.
De eerste dag waarover de dwangsom loopt is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de beslistermijn verliep EN de instantie je brief ontving. Stel je te vroeg in gebreke, dan telt de latere van die twee dagen.
De dwangsom loopt ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet geldt daar niet voor: die 42 dagen schuiven niet op voor een weekend of een feestdag.
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan om.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 1 lid 1 Algemene termijnenwet — „Een in een wet gestelde termijn die op een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag eindigt, wordt verlengd tot en met de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of algemeen erkende feestdag is.” (Algemene termijnenwet, versie 2026-01-01, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 2: wat is er aan de hand?
Kies dit als je kunt aanwijzen wanneer je stuk binnenkwam en welke termijn erop staat.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum
- De ontvangstbevestiging met het kenmerk
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie wel uitstel aankondigde, maar pas nadat de termijn om was.
Wat je meestuurt
- De brief met het uitstel, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:14 lid 3 Awb — „Indien, bij het ontbreken van een bij wettelijk voorschrift bepaalde termijn, een beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het bestuursorgaan dit binnen deze termijn aan de aanvrager mede en noemt het daarbij een redelijke termijn binnen welke de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Kies dit als de instantie de termijn stilzette voor aanvullende stukken en jij die hebt gestuurd.
Wat je meestuurt
- Het verzoek om aanvulling
- Het bewijs dat je de stukken instuurde, met datum
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 4:15 lid 1 Awb — „De termijn voor het geven van een beschikking wordt opgeschort met ingang van de dag na die waarop het bestuursorgaan: a. de aanvrager krachtens artikel 4:5 uitnodigt de aanvraag aan te vullen, tot de dag waarop de aanvraag is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken, of b. de aanvrager mededeelt dat voor de beschikking op de aanvraag redelijkerwijs noodzakelijke informatie aan een buitenlandse instantie is gevraagd, tot de dag waarop deze informatie is ontvangen of verder uitstel niet meer redelijk is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Stap 3: je brief
Vink hierboven aan wat op jou van toepassing is; de brief schrijft zichzelf mee. Vul de stukken tussen accolades zelf in en haal de accolades weg.
Schrijf in deze brief niets over je gezondheid, je klachten of je behandeling. Voor een ingebrekestelling is dat niet nodig: het gaat alleen over datums en termijnen.
Wat je meestuurt
- Je aanvraag of verzoek met de datum van indiening
- De ontvangstbevestiging
- Alles wat je sindsdien stuurde of besprak, met data
- Een kopie van je ingebrekestelling en het verzendbewijs
Zo pak je het aan
- Vul de datum in waarop je stuk binnenkwam Hieronder zie je tot wanneer de instantie had om te beslissen.
- Schrijf de ingebrekestelling Zet het woord ingebrekestelling erin, noem de dag waarop de termijn verliep en vraag om een besluit binnen twee weken. Een vriendelijk rappel telt niet.
- Reken uit vanaf wanneer de dwangsom loopt Vul hieronder in wanneer de instantie je brief ontving. Je ziet dan de eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is en wat hij ten hoogste kan worden.
- Komt er dan nog niets: naar de rechtbank Beroep wegens niet tijdig beslissen kan vanaf diezelfde dag. Er staat geen termijn op, maar wacht er niet onredelijk lang mee.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Te vroeg in gebreke stellen, voordat de beslistermijn voorbij is. Dan gaat de klok niet lopen.
- Een rappel sturen zonder het woord ingebrekestelling en zonder de dag waarop de termijn verliep.
- De brief versturen zonder bewijs van ontvangst. De datum waarop de instantie hem binnenkreeg bepaalt alles.
- Acht weken aanhouden terwijl er een kortere termijn geldt. Kijk eerst in je ontvangstbevestiging: daar staat de termijn meestal in.
Wat het kost
De ingebrekestelling is gratis. Beroep bij de rechtbank kost griffierecht; voor een laag inkomen geldt een lager tarief.
En daarna?
De instantie moet de dwangsom zelf vaststellen binnen twee weken na de laatste dag waarover zij hem verschuldigd was. Doet zij dat niet, vraag er dan schriftelijk om. Komt er nog steeds geen besluit, dan kan de rechter de instantie een termijn opleggen met een eigen dwangsom erbovenop.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 4:17 lid 1 Awb — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 2 Awb — „De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Awb — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 4:18 Awb — „Het bestuursorgaan stelt de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij beschikking vast binnen twee weken na de laatste dag waarover de dwangsom verschuldigd was.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Awb — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra: a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen of een van rechtswege verleende beschikking bekend te maken, en b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
- art. 6:12 lid 4 Awb — „Het beroep is niet-ontvankelijk indien het beroepschrift onredelijk laat is ingediend.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-03) de wettekst
Drie dingen die altijd gelden
- Een vriendelijk rappel is geen ingebrekestelling. Het woord moet erin staan, met de dag waarop de termijn verliep.
- Te vroeg in gebreke stellen helpt niet: de klok begint pas te lopen als de beslistermijn echt voorbij is.
- Bewaar altijd een kopie en een verzendbewijs. De dag waarop de instantie je brief ontving bepaalt alles wat daarna komt.
Zet deze zaak in je dossier
Houd de datum bij in je eigen dossier, dan kun je er later bij - ook in de app op je telefoon. Je dossier waarschuwt je als een termijn bijna om is.
Loop je vast? Deze organisaties helpen je verder
Je hoeft dit niet alleen te doen. Dit zijn de plekken die bij dit onderwerp horen. Je ziet wat ze doen, wanneer je er moet zijn en wat het kost.
-
Het Juridisch Loket Juridische hulp

Gratis persoonlijk juridisch advies als je een laag inkomen en weinig spaargeld hebt. Ze leggen je rechten uit, helpen je een brief op te zetten en verwijzen je zo nodig door naar een advocaat met een toevoeging.
Wanneer: Voordat je een procedure start, en zeker als je twijfelt of je op tijd bent. Er werken geen advocaten: ze kunnen niet voor je procederen.
Wat het kost: gratis · Telefoon: 0800 - 8020
Waar dit op gebaseerd is
„Welkom bij het Juridisch Loket. Wij bieden gratis persoonlijk juridisch advies aan iedereen met een laag inkomen en weinig spaargeld. Bel 0800-8020 of kom zonder afspraak langs tijdens een inloopspreekuur. U krijgt dan hulp van een juridisch adviseur. Bij het Juridisch Loket werken geen advocaten.”
Bron: https://www.juridischloket.nl/hoe-we-werken/, opgehaald 30 oktober 2026 -
De Huurcommissie Hulp bij huren

Doet uitspraak over huurprijs, servicekosten en gebreken aan je woning. Zij kan je huur tijdelijk verlagen zolang een gebrek niet is opgelost.
Wanneer: Pas nadat je het gebrek schriftelijk bij je verhuurder hebt gemeld en er zes weken zijn verstreken. Zij kan de verhuurder niet dwingen te repareren — alleen de huur verlagen. Afdwingen dat er hersteld wordt, doet de kantonrechter.
Wat het kost: € 25 vooraf als huurder; krijg je gelijk, dan krijg je dat bedrag terug. Bij een minimuminkomen of bijstandsniveau kun je vrijstelling aanvragen. · Telefoon: 088 - 1 600 300
Waar dit op gebaseerd is
„Bent u een huurder? Dan betaalt u vooraf € 25.”
Bron: https://www.huurcommissie.nl/onderwerpen/procedure/procedure-starten/kosten, opgehaald 2026-10-30„Een procedure start pas als de leges zijn betaald. Krijgt u gelijk? Dan krijgt u dat bedrag terug. De andere partij moet dan de kosten van de procedure betalen.”
terug bij gelijk · Bron: https://www.huurcommissie.nl/onderwerpen/procedure/procedure-starten/kosten, opgehaald 2026-10-30„Dan kunt u vrijstelling aanvragen, u hoeft de legeskosten dan niet te betalen.”
vrijstelling bij een minimuminkomen · Bron: https://www.huurcommissie.nl/onderwerpen/procedure/procedure-starten/kosten, opgehaald 2026-10-30„Heeft u moeite met het invullen van het online formulier? Bel dan met ons klantcontactcentrum op 088 - 1 600 300 .”
het telefoonnummer · Bron: https://www.huurcommissie.nl/onderwerpen/procedure/procedure-starten/kosten, opgehaald 2026-10-30
Dit is geen juridisch advies. De organisaties hierboven werken niet met ons samen. Ze keuren ons ook niet goed. Wij wijzen alleen de weg naar hen. Advies over jouw eigen situatie krijg je van hen. De kaart met het labeltje "Deze website" is van onszelf. Daarover zijn wij dus geen onafhankelijke partij.