Een vergunning voor je huis of je tuin
Een dakkapel, een uitbouw, een schutting, zonnepanelen, een boom kappen of een praktijk aan huis. Per plan staat hier wat de wet letterlijk zegt, of je helemaal geen vergunning nodig hebt, wat je indient, hoe lang de gemeente mag doen en wat je doet als het antwoord nee is. Alles met het wetsartikel erbij, zodat je het zelf kunt nakijken.
Begin hier: drie dingen die sinds 2024 anders zijn
Sinds 1 januari 2024 geldt de Omgevingswet. Het oude Besluit omgevingsrecht, waar alle bekende maten voor vergunningvrij bouwen in stonden, bestaat niet meer. Wat landelijk vergunningvrij is, staat nu in het Besluit bouwwerken leefomgeving; de rest staat in het omgevingsplan van jouw eigen gemeente. Elke gemeente heeft nu één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen.
Er zijn nu TWEE vergunningen waar vroeger één "bouwvergunning" was. De ene gaat over de vraag of je plan hier mag staan (de omgevingsplanactiviteit), de andere over de vraag of het veilig is gebouwd (de bouwactiviteit). Je vraagt ze in één keer aan, maar de gemeente beoordeelt ze apart en kan de ene weigeren en de andere geven.
De grootste misvatting: dat er nog een landelijke vierkante-meterregel bestaat voor een uitbouw of een schuur. Die is er niet. In de landelijke lijst van vergunningvrije bouwwerken komt het "bijbehorend bouwwerk" helemaal niet voor. De maten staan in het omgevingsplan van jouw gemeente. Het Rijk heeft daar bij de start een standaardtekst in gezet met de bekende maten, maar jouw gemeente mag die hebben gewijzigd — dus je moet hem opzoeken voor jouw adres.
En let op het verschil tussen "vergunningvrij" en "mag". Vergunningvrij betekent alleen dat je geen vergunning hóeft aan te vragen. Het omgevingsplan, een monumentenstatus, het burenrecht, een erfdienstbaarheid, de vereniging van eigenaars en — als je huurt — je verhuurder blijven er gewoon naast gelden.
Dit is geen juridisch advies. Deze pagina rekent en legt uit wat er in de wet staat, met het artikelnummer erbij zodat je het zelf kunt nakijken. Over jouw aanvraag beslist de gemeente, en in laatste instantie de rechter. Het omgevingsplan van jouw gemeente kan afwijken van wat hier staat; dan geldt dat plan. Twijfel je over je eigen geval, leg het dan voor aan je gemeente of aan het Juridisch Loket.
Wat wil je doen?
Kies hieronder je plan. Staat het er niet bij? Kijk dan bij het plan dat er het meest op lijkt: de route is bijna altijd dezelfde, en de termijn ook.
Aan je dak
Een dakkapel, een dakraam, een dakopbouw of zonnepanelen. Hier is de vraag bijna altijd: welk DAKVLAK is het? Aan de achterkant mag veel meer dan aan de voorkant.
Een dakkapel plaatsen„Ik wil een dakkapel op mijn dak, zodat de zolder een echte kamer wordt.”
Een dakkapel is een uitbouw in het dakvlak. Of je er een vergunning voor nodig hebt, hangt af van welk dakvlak het is: aan de ACHTERkant mag het landelijk vergunningvrij als je binnen vaste maten blijft; aan de VOORkant of aan een zijkant die naar de straat is gekeerd, moet je bijna altijd een vergunning aanvragen. De technische kant (constructie) is voor een dakkapel nooit een eigen vergunning.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Het landelijke Omgevingsloket, met DigiD. Veel gemeenten hebben daarnaast een gratis gesprek vooraf waarin je je tekening kunt voorleggen.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan licht, uitzicht of geluid van een buur kan raken. Naast de vergunning geldt namelijk het burenrecht: je mag een buur geen onrechtmatige hinder toebrengen, en een raam of balkon met uitzicht op het erf van je buur mag binnen twee meter van de erfgrens alleen met zijn toestemming.
Wat je meestuurt
- Een tekening met de afstanden tot elke erfgrens
- Bij een raam of balkon binnen twee meter: de schriftelijke toestemming van de buur
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 5:37 Burgerlijk Wetboek — „De eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:50 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „niet geoorloofd binnen twee meter van de grenslijn van dit erf vensters of andere” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit bij een dakkapel aan de voorkant of aan een zijkant die naar de straat kijkt. Daar toetst de gemeente of het bouwwerk niet uit de toon valt.
Wat je meestuurt
- Een foto van de straat waarop vergelijkbare dakkapellen te zien zijn
- Een geveltekening met de dakkapel erin, op schaal 1 op 100
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 2.29 onder b Besluit bouwwerken leefomgeving — „b. een dakkapel in het achterdakvlak of een niet naar openbaar toegankelijk gebied gekeerd” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.27 onder c bruidsschat omgevingsplan — „c. een dakkapel in het voordakvlak of een naar openbaar toegankelijk gebied gekeerd zijdakvlak,” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met noordpijl, met jouw perceel en de belendende percelen
- Plattegrond, doorsnede en aanzichten van de bestaande en de nieuwe situatie, met maten
- Foto's van de bestaande situatie en van de straatkant
- Als het de draagconstructie raakt: een constructieberekening
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
- Een detailtekening van de aansluiting op het dak, op schaal 1 op 5, 1 op 10 of 1 op 20
Zo pak je het aan
- Kijk eerst of je dakkapel al landelijk vergunningvrij is Zit de dakkapel in het ACHTERdakvlak, of in een zijdakvlak dat niet naar openbaar toegankelijk gebied is gekeerd, dan is hij landelijk vergunningvrij als hij aan vijf maten voldoet: een plat dak; niet hoger dan 1,75 meter gemeten vanaf de voet; de onderzijde meer dan 0,5 meter en minder dan 1 meter boven de dakvoet; de bovenzijde meer dan 0,5 meter onder de daknok; en de zijkanten meer dan 0,5 meter van de zijkanten van het dakvlak. Die maten staan hieronder letterlijk in de wettekst. Eén maat eroverheen en de hele vrijstelling valt weg.
- Zit hij aan de voorkant? Dan kijk je naar het omgevingsplan Voor het voordakvlak of een zijdakvlak dat naar de straat kijkt, geldt de landelijke vrijstelling niet. De standaardtekst die het Rijk in elk omgevingsplan heeft gezet laat zo'n dakkapel alleen vrij in gebieden waar geen eisen van welstand gelden — en dat is zelden jouw straat. Reken er dus op dat je een vergunning aanvraagt.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Vraag een gesprek vooraf aan bij de gemeente Bijna elke gemeente kent een gratis of goedkoop gesprek vooraf (vaak "vooroverleg", "omgevingstafel" of "conceptverzoek"). Je legt je plan voor voordat je een echte aanvraag doet. Dat kost geen weken en levert je zwart op wit op waar het plan knelt. Een afgewezen echte aanvraag kost je wél de leges.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Reageer snel als de gemeente stukken bijvraagt Is je aanvraag niet compleet, dan mag de gemeente besluiten hem niet te behandelen — maar alleen nadat jij de kans hebt gehad om binnen een door haar gestelde termijn aan te vullen. Reageer dus altijd op zo'n brief, en binnen de termijn die erin staat.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- De maat "1,75 meter" verkeerd meten. Die hoogte wordt gemeten vanaf de VOET van de dakkapel, niet vanaf de zoldervloer en niet vanaf de dakvoet. Meet het op de tekening na voordat je bestelt.
- Vergeten dat de vrijstelling vijf eisen heeft die ALLE vijf moeten kloppen. Een dakkapel die 0,4 meter van de zijkant van het dakvlak blijft, is niet vergunningvrij — ook al kloppen de andere vier maten.
- Niet nakijken of je huis een monument is of in een beschermd gezicht staat. Is dat zo, dan vallen bijna alle vergunningvrije mogelijkheden weg en is zelfs gewoon onderhoud alleen vrij als kleur en materiaal gelijk blijven. Check dat vóór je iets koopt.
- Je bent huurder en vraagt alleen de gemeente. De gemeente kijkt niet naar je huurcontract. Zonder schriftelijke toestemming van je verhuurder mag je de gedaante van je woning niet veranderen, ook niet met een vergunning op zak — en voor de BUITENKANT geldt de wettelijke bescherming van de huurder niet, dus daar bepaalt je huurcontract het.
- "Vergunningvrij" verwarren met "mag altijd". Vergunningvrij betekent alleen dat je geen vergunning hóeft aan te vragen. De regels van het omgevingsplan, het burenrecht, een erfdienstbaarheid, de vereniging van eigenaars en je verhuurder blijven gewoon gelden.
Wat het kost
De gemeente mag leges heffen voor het behandelen van je aanvraag. Hoeveel dat is, staat in de legesverordening van jouw eigen gemeente en verschilt sterk per gemeente; vaak is het een percentage van de bouwkosten met een minimum. Wij vullen hier geen bedrag in: zoek "legesverordening" plus de naam van je gemeente, of vraag het aan het loket. Een afgewezen aanvraag kost meestal óók leges. Een gesprek vooraf is bijna altijd goedkoper.
En daarna?
Krijg je de vergunning, dan mag je bouwen — maar wacht tot de bezwaartermijn van zes weken voorbij is, want een buur kan nog bezwaar maken. Krijg je een NEE, dan heb je zes weken om bezwaar te maken; gebruik daarvoor het tabblad over bezwaar maken op dit platform.
Waar dit op gebaseerd is (10 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 Omgevingswet — „Het is verboden zonder omgevingsvergunning de volgende activiteiten te verrichten:” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 Besluit bouwwerken leefomgeving — „geldt het verbod, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten, niet voor” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder b Besluit bouwwerken leefomgeving — „b. een dakkapel in het achterdakvlak of een niet naar openbaar toegankelijk gebied gekeerd” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder b Besluit bouwwerken leefomgeving — „1°. voorzien van een plat dak; 2°. gemeten vanaf de voet van de dakkapel niet hoger dan 1,75 m; 3°. onderzijde meer dan 0,5 m en minder dan 1 m boven de dakvoet; 4°. bovenzijde meer dan 0,5 m onder de daknok; en 5°. zijkanten meer dan 0,5 m van de zijkanten van het dakvlak;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.27 lid 2 Besluit bouwwerken leefomgeving — „a. een dakkapel;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.27 onder c bruidsschat omgevingsplan — „c. een dakkapel in het voordakvlak of een naar openbaar toegankelijk gebied gekeerd zijdakvlak,” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.30 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Op een omgevingsplanactiviteit die wordt verricht in, aan of op een gemeentelijk monument,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Een dakraam of lichtkoepel zetten„Ik wil meer licht op zolder en denk aan een dakraam of een lichtkoepel.”
Een dakraam, daklicht of lichtstraat is in veel gevallen landelijk vergunningvrij, en in meer gevallen dan een dakkapel: ook in het VOORdakvlak mag het, zolang de constructie niet buiten het dakvlak uitsteekt en je 0,5 meter van alle randen blijft. In het achterdakvlak of op een plat dak mag hij wel 0,6 meter uitsteken.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Blijf je binnen de maten, dan hoef je niets in te dienen. Moet het toch met een vergunning, dan gaat dat via het landelijke Omgevingsloket met DigiD.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit bij een dakraam in het voordakvlak of in een zijdakvlak dat naar de straat kijkt: daar mag de constructie niet uitsteken.
Wat je meestuurt
- Een detailtekening van de aansluiting op het dak
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 2.29 onder c Besluit bouwwerken leefomgeving — „c. een dakraam, daklicht, lichtstraat of soortgelijke daglichtvoorziening in een dak,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder c Besluit bouwwerken leefomgeving — „i. de constructie steekt niet meer dan 0,6 m uit buiten het dakvlak respectievelijk het platte dak; en ii. zijkanten, onder- en bovenzijde meer dan 0,5 m van de randen van het dakvlak of het platte dak; en” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met noordpijl, met jouw perceel en de belendende percelen
- Plattegrond, doorsnede en aanzichten van de bestaande en de nieuwe situatie, met maten
- Foto's van de bestaande situatie en van de straatkant
- Als het de draagconstructie raakt: een constructieberekening
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
Zo pak je het aan
- Meet de 0,5 meter tot ALLE vier de randen De landelijke vrijstelling eist dat de zijkanten, de onderzijde én de bovenzijde meer dan 0,5 meter van de randen van het dakvlak blijven. Bij een klein dakvlak op een rijtjeshuis loop je daar snel tegenaan.
- Let op het verschil tussen voor- en achterkant In het achterdakvlak, in een zijdakvlak dat niet naar de straat kijkt, of op een plat dak mag de constructie 0,6 meter buiten het dakvlak uitsteken. In elk ander dakvlak mag hij helemaal niet uitsteken — een opbollende koepel aan de voorkant is dus niet vergunningvrij.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Vraag een gesprek vooraf aan bij de gemeente Bijna elke gemeente kent een gratis of goedkoop gesprek vooraf (vaak "vooroverleg", "omgevingstafel" of "conceptverzoek"). Je legt je plan voor voordat je een echte aanvraag doet. Dat kost geen weken en levert je zwart op wit op waar het plan knelt. Een afgewezen echte aanvraag kost je wél de leges.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Een koepel kiezen die aan de voorkant uitsteekt. In een voordakvlak mag de constructie niet buiten het dakvlak uitsteken; een vlak dakraam mag daar dus wel en een koepel niet.
- De 0,5 meter alleen aan de zijkanten meten en de bovenzijde tot de nok vergeten.
- Niet nakijken of je huis een monument is of in een beschermd gezicht staat. Is dat zo, dan vallen bijna alle vergunningvrije mogelijkheden weg en is zelfs gewoon onderhoud alleen vrij als kleur en materiaal gelijk blijven. Check dat vóór je iets koopt.
- Je bent huurder en vraagt alleen de gemeente. De gemeente kijkt niet naar je huurcontract. Zonder schriftelijke toestemming van je verhuurder mag je de gedaante van je woning niet veranderen, ook niet met een vergunning op zak — en voor de BUITENKANT geldt de wettelijke bescherming van de huurder niet, dus daar bepaalt je huurcontract het.
Wat het kost
Hoef je geen vergunning aan te vragen, dan zijn er ook geen leges. Moet je hem wél aanvragen, dan geldt de legesverordening van jouw gemeente; het bedrag verschilt per gemeente en wij vullen het hier niet in.
En daarna?
Is het vergunningvrij, dan hoor je niets van de gemeente en is er ook geen besluit waartegen iemand bezwaar kan maken. Dat betekent niet dat je klaar bent: twijfelt de gemeente later of je binnen de maten bleef, dan kan zij alsnog handhaven. Bewaar je tekening met de maten erop.
Waar dit op gebaseerd is (7 wetsartikelen)
- art. 2.29 Besluit bouwwerken leefomgeving — „geldt het verbod, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten, niet voor” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder c Besluit bouwwerken leefomgeving — „c. een dakraam, daklicht, lichtstraat of soortgelijke daglichtvoorziening in een dak,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder c Besluit bouwwerken leefomgeving — „i. de constructie steekt niet meer dan 0,6 m uit buiten het dakvlak respectievelijk het platte dak; en ii. zijkanten, onder- en bovenzijde meer dan 0,5 m van de randen van het dakvlak of het platte dak; en” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.27 lid 2 Besluit bouwwerken leefomgeving — „a. een dakkapel;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.30 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Op een omgevingsplanactiviteit die wordt verricht in, aan of op een gemeentelijk monument,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.30 lid 3 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Op een omgevingsplanactiviteit die wordt verricht op een locatie waaraan in het omgevingsplan” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Een dakopbouw of een verdieping erop„Ik wil mijn dak optillen of een hele verdieping erop zetten.”
Een dakopbouw verandert de hoogte en meestal ook de draagconstructie van je huis. Dit is het zwaarste plan in dit tabblad: er is geen landelijke vrijstelling voor, en je hebt bijna altijd TWEE toestemmingen nodig in één aanvraag — de ruimtelijke kant (past het hier?) en de technische kant (is het veilig?). De technische vergunning is nodig zodra het bouwwerk hoger wordt dan 5 meter of zodra er een verblijfsgebied op de tweede bouwlaag of hoger komt, tenzij je plan onder gevolgklasse 1 valt.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Het landelijke Omgevingsloket, met DigiD. Doe hier zeker eerst een gesprek vooraf: een dakopbouw raakt het straatbeeld en de buren, en een afwijzing kost je de leges.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan licht, uitzicht of geluid van een buur kan raken. Naast de vergunning geldt namelijk het burenrecht: je mag een buur geen onrechtmatige hinder toebrengen, en een raam of balkon met uitzicht op het erf van je buur mag binnen twee meter van de erfgrens alleen met zijn toestemming.
Wat je meestuurt
- Een tekening met de afstanden tot elke erfgrens
- Bij een raam of balkon binnen twee meter: de schriftelijke toestemming van de buur
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 5:37 Burgerlijk Wetboek — „De eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:50 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „niet geoorloofd binnen twee meter van de grenslijn van dit erf vensters of andere” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd bij een dakopbouw. De gemeente toetst of de nieuwe belasting door de bestaande muren en fundering kan worden gedragen.
Wat je meestuurt
- Een constructieberekening met tekeningen
- Gegevens over de bestaande fundering, als die bekend zijn
Waar dit op gebaseerd is (4 wetsartikelen)
- art. 2.25 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een bouwactiviteit te verrichten, geldt voor een bouwactiviteit,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.25 onder b Besluit bouwwerken leefomgeving — „b. hoger is dan 5 m;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.26 lid 1 onder c Besluit bouwwerken leefomgeving — „c. de draagconstructie of de indeling in brandcompartimenten, subbrandcompartimenten” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.17 lid 1 Omgevingsregeling — „Bij een aanvraag worden tekeningen verstrekt met een duidelijke maatvoering en schaalaanduiding.” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als er in je straat al vergelijkbare opbouwen staan. Dat helpt bij de vraag of de verdeling van functies over deze locatie evenwichtig blijft.
Wat je meestuurt
- Foto's van de bestaande opbouwen in je straat
- Zo mogelijk een schaduwstudie
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met noordpijl, met jouw perceel en de belendende percelen
- Plattegrond, doorsnede en aanzichten van de bestaande en de nieuwe situatie, met maten
- Foto's van de bestaande situatie en van de straatkant
- Als het de draagconstructie raakt: een constructieberekening
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
- Een constructieberekening — bij een dakopbouw vrijwel altijd verplicht
- Gegevens over kwaliteitsverklaringen bouw en CE-markeringen van de bouwproducten die je gebruikt
Zo pak je het aan
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Reken op twee toestemmingen in één aanvraag Onder de Omgevingswet zijn het bouwen (is het veilig?) en het passen (mag het hier?) twee verschillende verboden. Je dient ze in één aanvraag in, maar de gemeente toetst ze apart en kan de ene weigeren en de andere verlenen. Een dakopbouw die hoger dan 5 meter wordt, of waarbij een verblijfsgebied op de tweede bouwlaag of hoger komt, valt onder het bouwverbod — tenzij je plan onder gevolgklasse 1 valt, en dan hoort er een bouwmelding bij in plaats van een vergunning.
- Vraag een gesprek vooraf aan bij de gemeente Bijna elke gemeente kent een gratis of goedkoop gesprek vooraf (vaak "vooroverleg", "omgevingstafel" of "conceptverzoek"). Je legt je plan voor voordat je een echte aanvraag doet. Dat kost geen weken en levert je zwart op wit op waar het plan knelt. Een afgewezen echte aanvraag kost je wél de leges.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Reageer snel als de gemeente stukken bijvraagt Is je aanvraag niet compleet, dan mag de gemeente besluiten hem niet te behandelen — maar alleen nadat jij de kans hebt gehad om binnen een door haar gestelde termijn aan te vullen. Reageer dus altijd op zo'n brief, en binnen de termijn die erin staat.
- Hoort er een bouwmelding bij? Reken vier weken extra Valt je bouwwerk onder gevolgklasse 1, dan moet je het bouwen ten minste vier weken vóór de start melden en een onafhankelijke kwaliteitsborger regelen. Zie de soort "De bouwmelding en de kwaliteitsborger" in dit tabblad. Die vier weken lopen NA je vergunning, dus tel ze bij je planning op.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Denken dat één vergunning genoeg is. Het bouwen en het passen in het omgevingsplan zijn twee aparte verboden; de gemeente kan het ene toestaan en het andere weigeren.
- De bouwmelding en de kwaliteitsborger vergeten in de planning. Die melding moet vier weken vóór de start binnen zijn en komt bovenop de acht weken van de vergunning.
- Beginnen met slopen van het dak voordat het besluit onherroepelijk is. Zie je plan sneuvelen in bezwaar, dan staat je huis open.
- Je bent huurder en vraagt alleen de gemeente. De gemeente kijkt niet naar je huurcontract. Zonder schriftelijke toestemming van je verhuurder mag je de gedaante van je woning niet veranderen, ook niet met een vergunning op zak — en voor de BUITENKANT geldt de wettelijke bescherming van de huurder niet, dus daar bepaalt je huurcontract het.
- Niet nakijken of je huis een monument is of in een beschermd gezicht staat. Is dat zo, dan vallen bijna alle vergunningvrije mogelijkheden weg en is zelfs gewoon onderhoud alleen vrij als kleur en materiaal gelijk blijven. Check dat vóór je iets koopt.
Wat het kost
De gemeente mag leges heffen voor het behandelen van je aanvraag. Hoeveel dat is, staat in de legesverordening van jouw eigen gemeente en verschilt sterk per gemeente; vaak is het een percentage van de bouwkosten met een minimum. Wij vullen hier geen bedrag in: zoek "legesverordening" plus de naam van je gemeente, of vraag het aan het loket. Een afgewezen aanvraag kost meestal óók leges. Een gesprek vooraf is bijna altijd goedkoper.
En daarna?
Met de vergunning in handen wacht je de zes weken bezwaartermijn af. Daarna regel je eventueel de bouwmelding. Bij een afwijzing: zes weken voor bezwaar, en gebruik het tabblad over bezwaar maken.
Waar dit op gebaseerd is (11 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 Omgevingswet — „Het is verboden zonder omgevingsvergunning de volgende activiteiten te verrichten:” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.1 lid 2 onder a Omgevingswet — „a. een bouwactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.25 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een bouwactiviteit te verrichten, geldt voor een bouwactiviteit,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.25 onder b Besluit bouwwerken leefomgeving — „b. hoger is dan 5 m;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.27 lid 1 onder a Besluit bouwwerken leefomgeving — „a. een bouwwerk dat valt onder gevolgklasse 1 als bedoeld in artikel 2.17 ; of” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.17 lid 2 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Een bouwactiviteit valt onder gevolgklasse 1 als:” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.18 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Onverminderd artikel 7.7 is het verboden een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.17 uit te voeren zonder dit ten minste vier weken voor het begin van de bouwwerkzaamheden” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Zonnepanelen of een zonnecollector op het dak„Ik wil zonnepanelen op mijn dak leggen.”
Zonnepanelen en zonnecollectoren op een dak zijn landelijk vergunningvrij, en dat geldt voor ALLE dakvlakken — ook de voorkant. De voorwaarden zijn eenvoudig: op een schuin dak binnen het dakvlak, in of direct op het dakvlak en onder dezelfde hellingshoek als het dak; op een plat dak moet de afstand tot de zijkanten van het dak minstens gelijk zijn aan de hoogte van het paneel. De omvormer of de boiler hoort binnen. Bij een monument vervalt deze vrijstelling.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Blijf je binnen de voorwaarden, dan hoef je niets in te dienen. Bij een monument of in een rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht gaat het via het landelijke Omgevingsloket.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je bij een monument of in een beschermd gezicht toch een vergunning moet aanvragen, of als de gemeente je vraagt aan te tonen dat je binnen de vrijstelling blijft.
Wat je meestuurt
- Een dakaanzicht met de panelen ingetekend
- Een foto van het dakvlak vanaf de straat
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 2.29 onder d Besluit bouwwerken leefomgeving — „d. een collector voor warmteopwekking of een paneel voor elektriciteitsopwekking op een” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder d Besluit bouwwerken leefomgeving — „i. binnen het dakvlak; ii. in of direct op het dakvlak; en iii. hellingshoek gelijk aan hellingshoek dakvlak;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een dakaanzicht met de panelen ingetekend
- Bij een plat dak: een doorsnede met de hoogte van het paneel en de afstand tot de dakrand
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
- Bij een appartement: het besluit van de vergadering van de vereniging van eigenaars
Zo pak je het aan
- Op een schuin dak: drie eisen De panelen moeten binnen het dakvlak blijven, in of direct op het dakvlak liggen, en dezelfde hellingshoek hebben als het dak. Een frame dat de panelen onder een andere hoek zet, valt dus buiten de vrijstelling.
- Op een plat dak: één eis, en die verrast mensen De afstand van het paneel tot de zijkanten van het dak moet minstens gelijk zijn aan de hoogte van dat paneel. Zet je een paneel 40 centimeter hoog op, dan moet het ook minstens 40 centimeter van de dakrand blijven.
- Woon je in een appartement? Dan beslis je dit niet alleen Het dak van een appartementengebouw is vrijwel altijd gemeenschappelijk. Daar heb je een besluit van de vergadering van de vereniging van eigenaars voor nodig, en dat staat los van de vergunningvraag. Vraag de splitsingsakte en het reglement op bij je bestuur.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Een opstelframe op een schuin dak gebruiken. Dan wijkt de hellingshoek af van het dak en is de vrijstelling weg.
- De omvormer of de boiler buiten aan de gevel hangen. De vrijstelling eist dat die installatie aan de BINNENzijde van een bouwwerk komt als hij niet één geheel met het paneel vormt.
- Bij een monument toch gewoon beginnen. Daar geldt van de hele landelijke lijst alleen nog "gewoon onderhoud", en zonnepanelen zijn dat niet.
- Je bent huurder en vraagt alleen de gemeente. De gemeente kijkt niet naar je huurcontract. Zonder schriftelijke toestemming van je verhuurder mag je de gedaante van je woning niet veranderen, ook niet met een vergunning op zak — en voor de BUITENKANT geldt de wettelijke bescherming van de huurder niet, dus daar bepaalt je huurcontract het.
Wat het kost
Hoef je geen vergunning aan te vragen, dan zijn er ook geen leges. Moet je hem wél aanvragen, dan geldt de legesverordening van jouw gemeente; het bedrag verschilt per gemeente en wij vullen het hier niet in.
En daarna?
Is het vergunningvrij, dan hoor je niets en is er geen besluit. Bewaar je dakaanzicht met de maten. Bij een monument of beschermd gezicht geldt de gewone route: acht weken, en bij een NEE zes weken voor bezwaar.
Waar dit op gebaseerd is (7 wetsartikelen)
- art. 2.29 Besluit bouwwerken leefomgeving — „geldt het verbod, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten, niet voor” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder d Besluit bouwwerken leefomgeving — „d. een collector voor warmteopwekking of een paneel voor elektriciteitsopwekking op een” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder d Besluit bouwwerken leefomgeving — „i. binnen het dakvlak; ii. in of direct op het dakvlak; en iii. hellingshoek gelijk aan hellingshoek dakvlak;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.27 lid 2 onder k Besluit bouwwerken leefomgeving — „k. een collector voor warmteopwekking of een paneel voor elektriciteitsopwekking;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.30 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Op een omgevingsplanactiviteit die wordt verricht in, aan of op een gemeentelijk monument,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.30 lid 3 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Op een omgevingsplanactiviteit die wordt verricht op een locatie waaraan in het omgevingsplan” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Erbij bouwen op je erf
Een uitbouw, een schuur, een tuinhuis of een carport. In de wet heet dit allemaal een "bijbehorend bouwwerk", en de maten staan NIET in een landelijke wet maar in het omgevingsplan van jouw eigen gemeente.
Een uitbouw of aanbouw aan je huis„Ik wil mijn keuken of woonkamer uitbouwen aan de achterkant.”
Een uitbouw of aanbouw heet in de wet een "bijbehorend bouwwerk". Hier zit de grootste misvatting van het hele onderwerp: veel mensen denken dat er een LANDELIJKE regel is die een uitbouw tot zoveel vierkante meter vrij geeft. Die is er sinds de Omgevingswet NIET meer. In de landelijke lijst van vergunningvrije bouwwerken komt het bijbehorend bouwwerk helemaal niet voor. De maten staan nu in het OMGEVINGSPLAN van jouw eigen gemeente. Het Rijk heeft daar bij de start een standaardtekst in gezet met de bekende maten, maar jouw gemeente mag die hebben gewijzigd — dus je moet hem opzoeken.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Eerst het omgevingsplan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Moet het met een vergunning, dan dien je die ook daar in, met DigiD.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit bij een uitbouw, een schuur, een tuinhuis of een overkapping. Dit is de kern van zo'n aanvraag: de maten.
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met het achtererfgebied en het bebouwingsgebied ingetekend, met oppervlakten
- Een plattegrond, doorsnede en aanzichten met maten
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 22.27 onder a bruidsschat omgevingsplan — „a. een bijbehorend bouwwerk of een uitbreiding daarvan, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1°. op de grond staand; 2°. gelegen in achtererfgebied; 3°. op een afstand van meer dan 1 m vanaf openbaar toegankelijk gebied; 4°. niet hoger dan 5 m;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.36 onder a sub 3 bruidsschat omgevingsplan — „3°. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied niet meer dan: i. bij een bebouwingsgebied kleiner dan of gelijk aan 100 m2: 50% van dat bebouwingsgebied;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.36 onder a sub 3 bruidsschat omgevingsplan — „iii. bij een bebouwingsgebied groter dan 300 m2: 90 m2, vermeerderd met 10% van het deel van het bebouwingsgebied dat groter is dan 300 m2, tot een maximum van in totaal 150 m2; en” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- begrippen bruidsschat omgevingsplan — „bebouwingsgebied: achtererfgebied en de grond onder het hoofdgebouw, uitgezonderd de grond” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „achtererfgebied: gebouwerf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „bijbehorend bouwwerk: uitbreiding van een hoofdgebouw of functioneel met een zich op hetzelfde perceel” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan licht, uitzicht of geluid van een buur kan raken. Naast de vergunning geldt namelijk het burenrecht: je mag een buur geen onrechtmatige hinder toebrengen, en een raam of balkon met uitzicht op het erf van je buur mag binnen twee meter van de erfgrens alleen met zijn toestemming.
Wat je meestuurt
- Een tekening met de afstanden tot elke erfgrens
- Bij een raam of balkon binnen twee meter: de schriftelijke toestemming van de buur
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 5:37 Burgerlijk Wetboek — „De eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:50 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „niet geoorloofd binnen twee meter van de grenslijn van dit erf vensters of andere” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als de uitbouw tegen het huis aan of er dichtbij komt. Dan gelden drie hoogte-eisen in plaats van de daknokformule.
Wat je meestuurt
- Een doorsnede waarop de drie hoogtes naast elkaar staan
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 22.36 onder a sub 1 bruidsschat omgevingsplan — „1°. voor zover op een afstand van niet meer dan 4 m van het oorspronkelijk hoofdgebouw, niet” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit bij een vrijstaand tuinhuis of een uitbouw die losser staat. Dan geldt een schuin dak en een formule voor de daknokhoogte.
Wat je meestuurt
- Een doorsnede met de daknokhoogte en de afstand tot de perceelsgrens
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 22.36 onder a sub 2 bruidsschat omgevingsplan — „maximale daknokhoogte [m] = (afstand daknok tot de perceelsgrens [m] x 0,47) + 3; en” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met noordpijl, met jouw perceel en de belendende percelen
- Plattegrond, doorsnede en aanzichten van de bestaande en de nieuwe situatie, met maten
- Foto's van de bestaande situatie en van de straatkant
- Als het de draagconstructie raakt: een constructieberekening
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
- Een berekening van je bebouwingsgebied en van de oppervlakte van alles wat daar al staat — schuren en bestaande aanbouwen tellen mee
Zo pak je het aan
- Zoek de maten op in jouw omgevingsplan — niet in een landelijke wet Het bijbehorend bouwwerk staat NIET in de landelijke lijst van vergunningvrije bouwwerken. De maten staan in het omgevingsplan van jouw gemeente. De standaardtekst die het Rijk daarin heeft gezet laat een bijbehorend bouwwerk vrij als het op de grond staat, in het achtererfgebied ligt, meer dan 1 meter vanaf openbaar toegankelijk gebied blijft, niet hoger is dan 5 meter, een verblijfsgebied alleen op de eerste bouwlaag heeft en geen dakterras of balkon krijgt. Jouw gemeente kan die tekst hebben gewijzigd. Kijk hem dus na in het Omgevingsloket.
- Reken je bebouwingsgebied uit — dit is de stap die mensen overslaan Het bebouwingsgebied is je achtererfgebied plus de grond onder je huis, maar NIET de grond onder het oorspronkelijke huis. De oppervlakte die je aan bijbehorende bouwwerken mag hebben hangt daarvan af: bij een bebouwingsgebied tot en met 100 vierkante meter mag de helft bebouwd zijn; daarboven loopt het in twee stappen op tot maximaal 150 vierkante meter in totaal. Alles wat er al staat — je schuur, een eerdere aanbouw — telt mee.
- Let op het verschil achtererf en voorerf Alleen in het achtererfgebied kan een bijbehorend bouwwerk vrij zijn. Het achtererfgebied begint op 1 meter achter de voorkant van je huis en loopt van daaruit evenwijdig met de straat. Een uitbouw aan de zijkant van een hoekwoning valt daardoor vaak in het VOORerfgebied, en dan is een vergunning altijd nodig.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Vraag een gesprek vooraf aan bij de gemeente Bijna elke gemeente kent een gratis of goedkoop gesprek vooraf (vaak "vooroverleg", "omgevingstafel" of "conceptverzoek"). Je legt je plan voor voordat je een echte aanvraag doet. Dat kost geen weken en levert je zwart op wit op waar het plan knelt. Een afgewezen echte aanvraag kost je wél de leges.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Reageer snel als de gemeente stukken bijvraagt Is je aanvraag niet compleet, dan mag de gemeente besluiten hem niet te behandelen — maar alleen nadat jij de kans hebt gehad om binnen een door haar gestelde termijn aan te vullen. Reageer dus altijd op zo'n brief, en binnen de termijn die erin staat.
- Hoort er een bouwmelding bij? Bouw je nieuw en valt het onder gevolgklasse 1, dan moet je het bouwen ten minste vier weken vooraf melden en een kwaliteitsborger regelen. Zie de soort "De bouwmelding en de kwaliteitsborger".
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Uitgaan van een landelijke vierkante-meterregel die niet meer bestaat. Sinds de Omgevingswet staan de maten voor een uitbouw of schuur in het omgevingsplan van je eigen gemeente, niet in een landelijk besluit. Zoek ze op.
- Het bebouwingsgebied verkeerd rekenen, of de bestaande schuur niet meetellen. De oppervlaktegrens geldt voor ALLE bijbehorende bouwwerken samen, niet alleen voor je nieuwe plan.
- Denken dat de zijkant van een hoekwoning achtererf is. Het achtererfgebied begint op 1 meter achter de VOORkant van het huis; de zijtuin langs de straat is meestal voorerf, en daar is altijd een vergunning nodig.
- Je bent huurder en vraagt alleen de gemeente. De gemeente kijkt niet naar je huurcontract. Zonder schriftelijke toestemming van je verhuurder mag je de gedaante van je woning niet veranderen, ook niet met een vergunning op zak — en voor de BUITENKANT geldt de wettelijke bescherming van de huurder niet, dus daar bepaalt je huurcontract het.
- "Vergunningvrij" verwarren met "mag altijd". Vergunningvrij betekent alleen dat je geen vergunning hóeft aan te vragen. De regels van het omgevingsplan, het burenrecht, een erfdienstbaarheid, de vereniging van eigenaars en je verhuurder blijven gewoon gelden.
- Niet nakijken of je huis een monument is of in een beschermd gezicht staat. Is dat zo, dan vallen bijna alle vergunningvrije mogelijkheden weg en is zelfs gewoon onderhoud alleen vrij als kleur en materiaal gelijk blijven. Check dat vóór je iets koopt.
Wat het kost
De gemeente mag leges heffen voor het behandelen van je aanvraag. Hoeveel dat is, staat in de legesverordening van jouw eigen gemeente en verschilt sterk per gemeente; vaak is het een percentage van de bouwkosten met een minimum. Wij vullen hier geen bedrag in: zoek "legesverordening" plus de naam van je gemeente, of vraag het aan het loket. Een afgewezen aanvraag kost meestal óók leges. Een gesprek vooraf is bijna altijd goedkoper.
En daarna?
Met de vergunning in handen wacht je de zes weken bezwaartermijn af. Bij een NEE heb je zes weken om bezwaar te maken; gebruik het tabblad over bezwaar maken. Blijkt je plan net te groot, dan is het vaak sneller om het binnen de maten te brengen dan om over een afwijking te onderhandelen.
Waar dit op gebaseerd is (16 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 Omgevingswet — „Het is verboden zonder omgevingsvergunning de volgende activiteiten te verrichten:” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 Besluit bouwwerken leefomgeving — „geldt het verbod, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten, niet voor” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.26 bruidsschat omgevingsplan — „Het is verboden zonder omgevingsvergunning een bouwactiviteit te verrichten en het te bouwen” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.27 onder a bruidsschat omgevingsplan — „a. een bijbehorend bouwwerk of een uitbreiding daarvan, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1°. op de grond staand; 2°. gelegen in achtererfgebied; 3°. op een afstand van meer dan 1 m vanaf openbaar toegankelijk gebied; 4°. niet hoger dan 5 m;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.36 onder a sub 1 bruidsschat omgevingsplan — „1°. voor zover op een afstand van niet meer dan 4 m van het oorspronkelijk hoofdgebouw, niet” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.36 onder a sub 2 bruidsschat omgevingsplan — „maximale daknokhoogte [m] = (afstand daknok tot de perceelsgrens [m] x 0,47) + 3; en” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.36 onder a sub 3 bruidsschat omgevingsplan — „3°. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied niet meer dan: i. bij een bebouwingsgebied kleiner dan of gelijk aan 100 m2: 50% van dat bebouwingsgebied;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.36 onder a sub 3 bruidsschat omgevingsplan — „iii. bij een bebouwingsgebied groter dan 300 m2: 90 m2, vermeerderd met 10% van het deel van het bebouwingsgebied dat groter is dan 300 m2, tot een maximum van in totaal 150 m2; en” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- begrippen bruidsschat omgevingsplan — „bebouwingsgebied: achtererfgebied en de grond onder het hoofdgebouw, uitgezonderd de grond” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „achtererfgebied: gebouwerf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „voorerfgebied: gebouwerf dat geen onderdeel is van het achtererfgebied;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „bijbehorend bouwwerk: uitbreiding van een hoofdgebouw of functioneel met een zich op hetzelfde perceel” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.1 Omgevingswet — „In deze afdeling wordt onder het tijdelijke deel van het omgevingsplan verstaan het” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Een schuur, berging of tuinhuis„Ik wil een schuurtje of een tuinhuis achter in de tuin zetten.”
Een schuur, berging of tuinhuis is in de wet hetzelfde als een uitbouw: een "bijbehorend bouwwerk". Daarvoor geldt dus dezelfde verrassing: er is geen landelijke vierkante-meterregel meer, de maten staan in het omgevingsplan van je gemeente. Wat wél landelijk vrij is, is heel klein: een ander bouwwerk in voor- of achtererfgebied van niet hoger dan 1 meter en niet meer dan 2 vierkante meter. Een tuinhuis haalt dat niet.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Eerst het omgevingsplan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Moet het met een vergunning, dan dien je die daar in, met DigiD.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit bij een uitbouw, een schuur, een tuinhuis of een overkapping. Dit is de kern van zo'n aanvraag: de maten.
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met het achtererfgebied en het bebouwingsgebied ingetekend, met oppervlakten
- Een plattegrond, doorsnede en aanzichten met maten
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 22.27 onder a bruidsschat omgevingsplan — „a. een bijbehorend bouwwerk of een uitbreiding daarvan, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1°. op de grond staand; 2°. gelegen in achtererfgebied; 3°. op een afstand van meer dan 1 m vanaf openbaar toegankelijk gebied; 4°. niet hoger dan 5 m;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.36 onder a sub 3 bruidsschat omgevingsplan — „3°. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied niet meer dan: i. bij een bebouwingsgebied kleiner dan of gelijk aan 100 m2: 50% van dat bebouwingsgebied;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.36 onder a sub 3 bruidsschat omgevingsplan — „iii. bij een bebouwingsgebied groter dan 300 m2: 90 m2, vermeerderd met 10% van het deel van het bebouwingsgebied dat groter is dan 300 m2, tot een maximum van in totaal 150 m2; en” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- begrippen bruidsschat omgevingsplan — „bebouwingsgebied: achtererfgebied en de grond onder het hoofdgebouw, uitgezonderd de grond” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „achtererfgebied: gebouwerf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „bijbehorend bouwwerk: uitbreiding van een hoofdgebouw of functioneel met een zich op hetzelfde perceel” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan licht, uitzicht of geluid van een buur kan raken. Naast de vergunning geldt namelijk het burenrecht: je mag een buur geen onrechtmatige hinder toebrengen, en een raam of balkon met uitzicht op het erf van je buur mag binnen twee meter van de erfgrens alleen met zijn toestemming.
Wat je meestuurt
- Een tekening met de afstanden tot elke erfgrens
- Bij een raam of balkon binnen twee meter: de schriftelijke toestemming van de buur
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 5:37 Burgerlijk Wetboek — „De eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:50 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „niet geoorloofd binnen twee meter van de grenslijn van dit erf vensters of andere” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met noordpijl, met jouw perceel en de belendende percelen
- Plattegrond, doorsnede en aanzichten van de bestaande en de nieuwe situatie, met maten
- Foto's van de bestaande situatie en van de straatkant
- Als het de draagconstructie raakt: een constructieberekening
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
- Een berekening van je bebouwingsgebied en van wat er al staat
Zo pak je het aan
- Het heel kleine bouwwerk dat landelijk wél vrij is De landelijke lijst laat één klein geval vrij: een ander bouwwerk in voor- of achtererfgebied dat niet hoger is dan 1 meter en niet meer dan 2 vierkante meter groot. Dat is een kliko-ombouw of een klein kastje, geen tuinhuis.
- Voor een echt schuurtje: naar het omgevingsplan Daar gelden dezelfde voorwaarden als voor een uitbouw: op de grond, in het achtererfgebied, meer dan 1 meter vanaf openbaar toegankelijk gebied, niet hoger dan 5 meter. Staat het verder dan 4 meter van je huis en is het hoger dan 3 meter, dan moet het een schuin dak hebben en geldt een formule voor de daknokhoogte.
- Een tuinhuis om in te slapen is iets anders Zodra je er wilt overnachten, wordt het een bouwwerk voor recreatief nachtverblijf, en daarvoor gelden andere maten en vaak een verbod in het omgevingsplan. Schrijf in je aanvraag op waarvoor je het gebruikt; dat bepaalt welke regel geldt.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Vraag een gesprek vooraf aan bij de gemeente Bijna elke gemeente kent een gratis of goedkoop gesprek vooraf (vaak "vooroverleg", "omgevingstafel" of "conceptverzoek"). Je legt je plan voor voordat je een echte aanvraag doet. Dat kost geen weken en levert je zwart op wit op waar het plan knelt. Een afgewezen echte aanvraag kost je wél de leges.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Denken dat een tuinhuis onder de 2 vierkante meter-vrijstelling valt. Die geldt tot 1 meter HOOG en 2 vierkante meter — dat is een kastje.
- De bestaande schuur niet meetellen bij de oppervlakte. De grens geldt voor alle bijbehorende bouwwerken in je bebouwingsgebied samen.
- Het tuinhuis tegen de erfgrens zetten zonder naar de buur te kijken. De vergunning zegt niets over het burenrecht: je mag een buur geen onrechtmatige hinder toebrengen, en een raam met uitzicht op zijn erf mag binnen twee meter van de grens alleen met zijn toestemming.
- Je bent huurder en vraagt alleen de gemeente. De gemeente kijkt niet naar je huurcontract. Zonder schriftelijke toestemming van je verhuurder mag je de gedaante van je woning niet veranderen, ook niet met een vergunning op zak — en voor de BUITENKANT geldt de wettelijke bescherming van de huurder niet, dus daar bepaalt je huurcontract het.
- "Vergunningvrij" verwarren met "mag altijd". Vergunningvrij betekent alleen dat je geen vergunning hóeft aan te vragen. De regels van het omgevingsplan, het burenrecht, een erfdienstbaarheid, de vereniging van eigenaars en je verhuurder blijven gewoon gelden.
Wat het kost
De gemeente mag leges heffen voor het behandelen van je aanvraag. Hoeveel dat is, staat in de legesverordening van jouw eigen gemeente en verschilt sterk per gemeente; vaak is het een percentage van de bouwkosten met een minimum. Wij vullen hier geen bedrag in: zoek "legesverordening" plus de naam van je gemeente, of vraag het aan het loket. Een afgewezen aanvraag kost meestal óók leges. Een gesprek vooraf is bijna altijd goedkoper.
En daarna?
Is het vergunningvrij volgens je omgevingsplan, dan hoor je niets en is er geen besluit. Bewaar je tekening met de oppervlakten. Anders: acht weken, en bij een NEE zes weken voor bezwaar.
Waar dit op gebaseerd is (10 wetsartikelen)
- art. 2.29 Besluit bouwwerken leefomgeving — „geldt het verbod, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten, niet voor” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder r Besluit bouwwerken leefomgeving — „r. een ander bouwwerk in voor- of achtererfgebied, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1°. niet hoger dan 1 m; en 2°. de oppervlakte niet meer dan 2 m 2 .” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.27 onder a bruidsschat omgevingsplan — „a. een bijbehorend bouwwerk of een uitbreiding daarvan, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1°. op de grond staand; 2°. gelegen in achtererfgebied; 3°. op een afstand van meer dan 1 m vanaf openbaar toegankelijk gebied; 4°. niet hoger dan 5 m;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.36 onder a sub 3 bruidsschat omgevingsplan — „3°. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied niet meer dan: i. bij een bebouwingsgebied kleiner dan of gelijk aan 100 m2: 50% van dat bebouwingsgebied;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- begrippen bruidsschat omgevingsplan — „bebouwingsgebied: achtererfgebied en de grond onder het hoofdgebouw, uitgezonderd de grond” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „bijbehorend bouwwerk: uitbreiding van een hoofdgebouw of functioneel met een zich op hetzelfde perceel” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:37 Burgerlijk Wetboek — „De eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:50 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „niet geoorloofd binnen twee meter van de grenslijn van dit erf vensters of andere” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Een carport of overkapping„Ik wil een carport naast mijn huis of een overkapping op het terras.”
Een carport of overkapping met een dak is óók een "bijbehorend bouwwerk", dus ook hiervoor komen de maten uit het omgevingsplan van je gemeente en niet uit een landelijke wet. Twee dingen maken een carport lastiger dan een schuur: hij staat vaak aan de ZIJkant van het huis en dus in het voorerfgebied, en hij hoort meestal bij een inrit — en voor die inrit is apart toestemming nodig.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Het landelijke Omgevingsloket, met DigiD. Vraag de inrit in dezelfde aanvraag mee aan als je die ook nodig hebt.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit bij een uitbouw, een schuur, een tuinhuis of een overkapping. Dit is de kern van zo'n aanvraag: de maten.
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met het achtererfgebied en het bebouwingsgebied ingetekend, met oppervlakten
- Een plattegrond, doorsnede en aanzichten met maten
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 22.27 onder a bruidsschat omgevingsplan — „a. een bijbehorend bouwwerk of een uitbreiding daarvan, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1°. op de grond staand; 2°. gelegen in achtererfgebied; 3°. op een afstand van meer dan 1 m vanaf openbaar toegankelijk gebied; 4°. niet hoger dan 5 m;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.36 onder a sub 3 bruidsschat omgevingsplan — „3°. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied niet meer dan: i. bij een bebouwingsgebied kleiner dan of gelijk aan 100 m2: 50% van dat bebouwingsgebied;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.36 onder a sub 3 bruidsschat omgevingsplan — „iii. bij een bebouwingsgebied groter dan 300 m2: 90 m2, vermeerderd met 10% van het deel van het bebouwingsgebied dat groter is dan 300 m2, tot een maximum van in totaal 150 m2; en” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- begrippen bruidsschat omgevingsplan — „bebouwingsgebied: achtererfgebied en de grond onder het hoofdgebouw, uitgezonderd de grond” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „achtererfgebied: gebouwerf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „bijbehorend bouwwerk: uitbreiding van een hoofdgebouw of functioneel met een zich op hetzelfde perceel” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan licht, uitzicht of geluid van een buur kan raken. Naast de vergunning geldt namelijk het burenrecht: je mag een buur geen onrechtmatige hinder toebrengen, en een raam of balkon met uitzicht op het erf van je buur mag binnen twee meter van de erfgrens alleen met zijn toestemming.
Wat je meestuurt
- Een tekening met de afstanden tot elke erfgrens
- Bij een raam of balkon binnen twee meter: de schriftelijke toestemming van de buur
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 5:37 Burgerlijk Wetboek — „De eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:50 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „niet geoorloofd binnen twee meter van de grenslijn van dit erf vensters of andere” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je kunt aantonen dat de plek achter de lijn op 1 meter achter de voorkant van je huis ligt.
Wat je meestuurt
- Een situatietekening waarop die lijn en het achtererfgebied zijn ingetekend
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „achtererfgebied: gebouwerf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „voorerfgebied: gebouwerf dat geen onderdeel is van het achtererfgebied;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.27 onder a bruidsschat omgevingsplan — „a. een bijbehorend bouwwerk of een uitbreiding daarvan, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1°. op de grond staand; 2°. gelegen in achtererfgebied; 3°. op een afstand van meer dan 1 m vanaf openbaar toegankelijk gebied; 4°. niet hoger dan 5 m;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met noordpijl, met jouw perceel en de belendende percelen
- Plattegrond, doorsnede en aanzichten van de bestaande en de nieuwe situatie, met maten
- Foto's van de bestaande situatie en van de straatkant
- Als het de draagconstructie raakt: een constructieberekening
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
- Een situatietekening waarop de grens tussen voorerf en achtererf is ingetekend
- Als er een inrit bij hoort: de gegevens van die inrit
Zo pak je het aan
- Teken eerst de grens tussen je voorerf en je achtererf Dit is bij een carport de beslissende stap. Het achtererfgebied begint op 1 meter achter de voorkant van je huis. Ligt de carport daarvoor — en dat is bij een carport naast de woning vaak zo — dan is hij nooit vergunningvrij.
- Vraag de inrit in dezelfde aanvraag mee Een carport zonder inrit is een overkapping voor niets. Het maken of veranderen van een uitweg is een aparte toestemming die uit het omgevingsplan of de plaatselijke verordening komt. Vraag ze samen aan: dan loopt er één termijn en kan de gemeente niet de ene geven en de andere weigeren zonder dat je dat ziet.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Vraag een gesprek vooraf aan bij de gemeente Bijna elke gemeente kent een gratis of goedkoop gesprek vooraf (vaak "vooroverleg", "omgevingstafel" of "conceptverzoek"). Je legt je plan voor voordat je een echte aanvraag doet. Dat kost geen weken en levert je zwart op wit op waar het plan knelt. Een afgewezen echte aanvraag kost je wél de leges.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- De carport in het voorerfgebied plannen en denken dat hij vrij is. In het voorerf is voor een bijbehorend bouwwerk altijd een vergunning nodig.
- De inrit vergeten. Je krijgt de carport, maar mag de stoep niet verlagen — en dan staat hij er voor niets.
- De overkapping als "open constructie" zien. Heeft hij een dak, dan is hij een bijbehorend bouwwerk en telt zijn oppervlakte mee in je bebouwingsgebied.
- Je bent huurder en vraagt alleen de gemeente. De gemeente kijkt niet naar je huurcontract. Zonder schriftelijke toestemming van je verhuurder mag je de gedaante van je woning niet veranderen, ook niet met een vergunning op zak — en voor de BUITENKANT geldt de wettelijke bescherming van de huurder niet, dus daar bepaalt je huurcontract het.
- "Vergunningvrij" verwarren met "mag altijd". Vergunningvrij betekent alleen dat je geen vergunning hóeft aan te vragen. De regels van het omgevingsplan, het burenrecht, een erfdienstbaarheid, de vereniging van eigenaars en je verhuurder blijven gewoon gelden.
Wat het kost
De gemeente mag leges heffen voor het behandelen van je aanvraag. Hoeveel dat is, staat in de legesverordening van jouw eigen gemeente en verschilt sterk per gemeente; vaak is het een percentage van de bouwkosten met een minimum. Wij vullen hier geen bedrag in: zoek "legesverordening" plus de naam van je gemeente, of vraag het aan het loket. Een afgewezen aanvraag kost meestal óók leges. Een gesprek vooraf is bijna altijd goedkoper.
En daarna?
Met de vergunning wacht je de zes weken bezwaartermijn af. Bij een NEE: zes weken voor bezwaar via het tabblad over bezwaar maken. Een carport die net in het voorerf valt, kan soms een halve meter opschuiven en dan wél passen; dat is sneller dan een procedure.
Waar dit op gebaseerd is (9 wetsartikelen)
- art. 2.29 Besluit bouwwerken leefomgeving — „geldt het verbod, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten, niet voor” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.27 onder a bruidsschat omgevingsplan — „a. een bijbehorend bouwwerk of een uitbreiding daarvan, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1°. op de grond staand; 2°. gelegen in achtererfgebied; 3°. op een afstand van meer dan 1 m vanaf openbaar toegankelijk gebied; 4°. niet hoger dan 5 m;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.36 onder a sub 3 bruidsschat omgevingsplan — „3°. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied niet meer dan: i. bij een bebouwingsgebied kleiner dan of gelijk aan 100 m2: 50% van dat bebouwingsgebied;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „achtererfgebied: gebouwerf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „voorerfgebied: gebouwerf dat geen onderdeel is van het achtererfgebied;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving — „bijbehorend bouwwerk: uitbreiding van een hoofdgebouw of functioneel met een zich op hetzelfde perceel” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.297 bruidsschat omgevingsplan — „Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het maken, hebben of veranderen van een” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Op je erf en aan de straat
Een schutting, een boom kappen, een caravan stallen of een inrit maken. Hier beslist bijna altijd je eigen gemeente, en het burenrecht loopt er los van mee.
Een schutting of erfafscheiding„Ik wil een schutting zetten tussen mijn tuin en die van de buren.”
Bij een schutting lopen twee regelsets door elkaar en dat is precies waar het misgaat. De VERGUNNING: landelijk is een erfafscheiding tot 1 meter hoog vrij; tussen 1 en 2 meter is hij vrij volgens de standaardtekst in het omgevingsplan, maar alleen achter de voorkant van je huis en op een perceel waar al een hoofdgebouw staat; boven 2 meter komt er ook nog een technische vergunning bij. Het BURENRECHT staat daar helemaal naast: je mag je erf afsluiten, en in een aaneengebouwd deel van een gemeente kun je van je buur eisen dat hij meewerkt aan een scheidsmuur van twee meter en de helft van de kosten draagt.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Blijf je binnen de maten, dan hoef je niets in te dienen. Anders via het landelijke Omgevingsloket met DigiD. Een afspraak met je buur over een gezamenlijke schutting zet je op papier; dat is geen aanvraag bij de gemeente.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit bij een schutting tussen 1 en 2 meter hoog. Dat is de voorwaarde uit de standaardtekst van het omgevingsplan.
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met die lijn en de schutting erop
- Een aanzicht met de hoogte
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 22.27 onder f bruidsschat omgevingsplan — „f. een erf- of perceelafscheiding, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1°. hoger dan 1 m maar niet hoger dan 2 m;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder j Besluit bouwwerken leefomgeving — „j. een erf- of perceelafscheiding, als die niet hoger is dan 1 m;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je in een aaneengebouwd deel van de gemeente woont en wilt dat je buur meebetaalt. Dit is GEEN aanvraag bij de gemeente maar een brief aan je buur.
Wat je meestuurt
- Een tekening of foto van wat je voorstelt
- Een opgave van de kosten, zodat de helft duidelijk is
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 5:48 Burgerlijk Wetboek — „De eigenaar van een erf is bevoegd dit af te sluiten.” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:49 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „kan te allen tijde vorderen dat de andere eigenaar ertoe meewerkt, dat op de grens” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met de schutting en de erfgrens
- Een aanzicht met de hoogte, gemeten vanaf het aansluitende terrein
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
- Bij een gezamenlijke schutting: de afspraak met je buur op papier
Zo pak je het aan
- Meet de hoogte en kijk waar hij staat Tot 1 meter is een erf- of perceelafscheiding landelijk vrij, overal op je erf. Tussen 1 en 2 meter is hij vrij volgens de standaardtekst in het omgevingsplan, maar alleen achter de voorkant van je huis en op een perceel waar al een hoofdgebouw staat. Vóór de voorkant van je huis mag een schutting dus maar 1 meter hoog zijn.
- Boven 2 meter komt er een tweede vergunning bij Een erf- of perceelafscheiding hoger dan 2 meter valt óók onder het bouwverbod voor bouwwerken zonder dak. Dan heb je dus twee toestemmingen in één aanvraag nodig.
- Praat met je buur vóór je bestelt Een schutting precies op de grens is juridisch iets van jullie samen. Je mag je erf afsluiten, maar je mag je buur geen onrechtmatige hinder toebrengen. En let op bomen en heggen: een boom moet op twee meter van de grenslijn blijven, een heester of heg op een halve meter, tenzij je buur toestemming geeft of een verordening of plaatselijke gewoonte een kleinere afstand toelaat.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- De 2 meter overal toepassen. Vóór de voorkant van je huis is maar 1 meter vrij; dat is de fout die het vaakst tot een brief van de gemeente leidt.
- De schutting als "vergunningvrij dus geregeld" zien. Het burenrecht staat er los van: over de plek op de grens, de kosten en het onderhoud beslist de gemeente niet.
- De hoogte meten vanaf je eigen opgehoogde terras in plaats van vanaf het aansluitende afgewerkte terrein.
- Je bent huurder en vraagt alleen de gemeente. De gemeente kijkt niet naar je huurcontract. Zonder schriftelijke toestemming van je verhuurder mag je de gedaante van je woning niet veranderen, ook niet met een vergunning op zak — en voor de BUITENKANT geldt de wettelijke bescherming van de huurder niet, dus daar bepaalt je huurcontract het.
- "Vergunningvrij" verwarren met "mag altijd". Vergunningvrij betekent alleen dat je geen vergunning hóeft aan te vragen. De regels van het omgevingsplan, het burenrecht, een erfdienstbaarheid, de vereniging van eigenaars en je verhuurder blijven gewoon gelden.
Wat het kost
Hoef je geen vergunning aan te vragen, dan zijn er ook geen leges. Moet je hem wél aanvragen, dan geldt de legesverordening van jouw gemeente; het bedrag verschilt per gemeente en wij vullen het hier niet in.
En daarna?
Is het vrij, dan hoor je niets van de gemeente. Wordt je buur het er niet mee eens, dan is dat een burenzaak: eerst een brief, daarna eventueel de rechter. Krijg je een NEE op een aanvraag, dan heb je zes weken voor bezwaar.
Waar dit op gebaseerd is (11 wetsartikelen)
- art. 2.29 Besluit bouwwerken leefomgeving — „geldt het verbod, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten, niet voor” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder j Besluit bouwwerken leefomgeving — „j. een erf- of perceelafscheiding, als die niet hoger is dan 1 m;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.26 lid 2 onder c Besluit bouwwerken leefomgeving — „c. een erf- of perceelafscheiding hoger dan 2 m; of” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.27 onder f bruidsschat omgevingsplan — „f. een erf- of perceelafscheiding, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1°. hoger dan 1 m maar niet hoger dan 2 m;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22.36 onder a sub 3 bruidsschat omgevingsplan — „3°. de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het bebouwingsgebied niet meer dan: i. bij een bebouwingsgebied kleiner dan of gelijk aan 100 m2: 50% van dat bebouwingsgebied;” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:37 Burgerlijk Wetboek — „De eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:48 Burgerlijk Wetboek — „De eigenaar van een erf is bevoegd dit af te sluiten.” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:49 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „kan te allen tijde vorderen dat de andere eigenaar ertoe meewerkt, dat op de grens” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:42 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „Het is niet geoorloofd binnen de in lid 2 bepaalde afstand van de grenslijn van eens” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:42 lid 2 Burgerlijk Wetboek — „De in lid 1 bedoelde afstand bedraagt voor bomen twee meter te rekenen vanaf het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Een boom kappen in je eigen tuin„Er staat een grote boom in mijn tuin die ik om wil hebben.”
Voor een boom in je eigen tuin is er GEEN landelijke kapregel. De landelijke regels over het vellen van houtopstanden gelden uitdrukkelijk niet voor houtopstanden op erven of in tuinen. Of je een kapvergunning nodig hebt, staat dus in het omgevingsplan of de plaatselijke verordening van jouw gemeente — en dat verschilt enorm: de ene gemeente heeft een lijst beschermde bomen, de andere een stamomtrek-grens, de derde alleen een meldplicht.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Het landelijke Omgevingsloket of het eigen loket van je gemeente. Veel gemeenten hebben hier een apart kapformulier.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als de boom binnen twee meter van de grenslijn van het erf van je buur staat en jij of je buur dat wil veranderen.
Wat je meestuurt
- Een tekening met de afstand van het midden van de voet tot de grenslijn
- Een foto van de boom met de erfgrens erop
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 5:42 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „Het is niet geoorloofd binnen de in lid 2 bepaalde afstand van de grenslijn van eens” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:42 lid 2 Burgerlijk Wetboek — „De in lid 1 bedoelde afstand bedraagt voor bomen twee meter te rekenen vanaf het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als de boom licht wegneemt, wortels opdrukt of takken over de grens hangen. Let op: hinder is pas onrechtmatig als hij een grens overschrijdt; overlast alleen is niet genoeg.
Wat je meestuurt
- Foto's met datum
- Zo mogelijk een boomtechnisch onderzoek
- De brief waarin je de ander hebt aangemaand
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 5:37 Burgerlijk Wetboek — „De eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met de plek van de boom en de afstanden tot de erfgrenzen
- Foto's van de boom, van dichtbij en van de hele tuin
- De stamomtrek of de doorsnede, gemeten op de hoogte die je gemeente voorschrijft
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
Zo pak je het aan
- Er is geen landelijke kapregel voor je tuin De landelijke regels over het vellen van houtopstanden gelden niet voor houtopstanden op erven of in tuinen. Zoek dus in het omgevingsplan of de verordening van je gemeente op welke bomen daar beschermd zijn.
- Zoek de maat op die jouw gemeente gebruikt Gemeenten werken met verschillende maatstaven: een stamomtrek op 1,30 meter hoogte, een doorsnede, een lijst van waardevolle bomen, of een combinatie. Meet precies zoals jouw gemeente het voorschrijft en zet die meting in je aanvraag.
- Staat de boom buiten de bebouwingscontour houtkap? Dan is er wél een landelijke meldplicht Buiten de in het omgevingsplan aangewezen bebouwingscontour houtkap geldt wél een landelijke regel: het vellen van een houtopstand moet ten minste vier weken vooraf worden gemeld, en na het vellen moet er op bosbouwkundig verantwoorde wijze worden herplant. Dat raakt vooral grote percelen buiten de kern, niet een stadstuin.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Kappen in het broedseizoen. Naast de kapvergunning geldt de bescherming van vogels en hun nesten; dat is een aparte toestemming en de gemeente wijst je daar niet altijd op.
- De boom al om hebben voordat de bezwaartermijn voorbij is. Een kapvergunning is een besluit en een buur kan er zes weken bezwaar tegen maken. Is de boom dan al weg, dan is dat onomkeerbaar en kan dat je duur komen te staan.
- De stamomtrek op de verkeerde hoogte meten. Gemeenten schrijven een vaste meethoogte voor; een meting net onder een dikke knoest haalt je over de grens.
- Je bent huurder en vraagt alleen de gemeente. De gemeente kijkt niet naar je huurcontract. Zonder schriftelijke toestemming van je verhuurder mag je de gedaante van je woning niet veranderen, ook niet met een vergunning op zak — en voor de BUITENKANT geldt de wettelijke bescherming van de huurder niet, dus daar bepaalt je huurcontract het.
Wat het kost
De gemeente mag leges heffen voor het behandelen van je aanvraag. Hoeveel dat is, staat in de legesverordening van jouw eigen gemeente en verschilt sterk per gemeente; vaak is het een percentage van de bouwkosten met een minimum. Wij vullen hier geen bedrag in: zoek "legesverordening" plus de naam van je gemeente, of vraag het aan het loket. Een afgewezen aanvraag kost meestal óók leges. Een gesprek vooraf is bijna altijd goedkoper.
En daarna?
Met de vergunning in handen wacht je de zes weken bezwaartermijn af voordat je zaagt. Bij een NEE heb je zes weken om bezwaar te maken; let erop dat een gemeente vaak een herplantplicht of een boetebedrag aan een kapvergunning verbindt, en dat je daar apart bezwaar tegen kunt maken.
Waar dit op gebaseerd is (9 wetsartikelen)
- art. 11.111 lid 2 onder b Besluit activiteiten leefomgeving — „b. houtopstanden op erven of in tuinen;” (Besluit activiteiten leefomgeving, versie 2026-10-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 11.126 lid 1 Besluit activiteiten leefomgeving — „Het is verboden een houtopstand geheel of gedeeltelijk te vellen zonder dit ten minste” (Besluit activiteiten leefomgeving, versie 2026-10-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:42 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „Het is niet geoorloofd binnen de in lid 2 bepaalde afstand van de grenslijn van eens” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:42 lid 2 Burgerlijk Wetboek — „De in lid 1 bedoelde afstand bedraagt voor bomen twee meter te rekenen vanaf het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:37 Burgerlijk Wetboek — „De eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Een boot of caravan op je eigen terrein„Ik wil mijn caravan of boot op mijn eigen oprit of in mijn tuin stallen.”
Een caravan, boot of aanhanger stallen is geen bouwen. Er is daarom GEEN landelijke regel die dit vrij geeft of verbiedt — en wij hebben er ook geen gevonden. Het staat in het omgevingsplan of de plaatselijke verordening van je gemeente, en veel gemeenten verbieden het stallen van een kampeermiddel op of aan de openbare weg langer dan een aantal dagen, of ook op eigen terrein als het van de weg af zichtbaar is. Zet je er een overkapping of een stalling omheen, dan is dát wel bouwen en gelden de regels voor een bijbehorend bouwwerk.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Het eigen loket van je gemeente. Zoek op "kampeermiddel" of "caravan" in het omgevingsplan of de plaatselijke verordening van je gemeente; vaak staat er een ontheffingsmogelijkheid bij.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je gemeente het stallen aan de openbare weg verbiedt en jij op eigen grond staat.
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met de plek en de afstand tot de weg
- Een foto vanaf de straat
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met de plek op je perceel
- Een foto vanaf de straat, zodat de zichtbaarheid blijkt
- De maten van de caravan of boot
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
Zo pak je het aan
- Dit is geen bouwen, dus geen bouwvergunning Een caravan neerzetten is geen bouwactiviteit. De vraag is dus niet of je mag bouwen, maar of je gemeente het stallen op die plek toestaat. Dat staat in het omgevingsplan of de plaatselijke verordening.
- Zoek op "kampeermiddel" bij jouw gemeente Wij hebben hiervoor geen landelijke regel gevonden en vullen daarom geen aantal dagen of meters in. Zoek het op bij je eigen gemeente: zij regelt het, en zij heeft ook het laatste woord.
- Een overkapping eromheen is wél bouwen Zodra je een stalling, overkapping of carport om de caravan bouwt, geldt de soort "Een carport of overkapping" in dit tabblad: dan is het een bijbehorend bouwwerk met maten uit het omgevingsplan.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Aannemen dat eigen terrein altijd mag. Een flink aantal gemeenten verbiedt het stallen van een kampeermiddel ook op eigen terrein als het van de weg af zichtbaar is.
- De overkapping erbij vergeten. De caravan mag er staan, maar de stalling eromheen is bouwen en kan een vergunning vragen.
- Bij een huurwoning of een appartement alleen naar de gemeente kijken. Je huurcontract en het reglement van de vereniging van eigenaars kunnen het verbieden ook als de gemeente het toestaat.
Wat het kost
niet gevonden — of hier leges voor worden geheven en hoeveel, staat in de legesverordening van jouw gemeente. Voor een eenvoudige ontheffing rekenen veel gemeenten niets; wij vullen geen bedrag in.
En daarna?
Is het volgens je gemeente toegestaan, dan hoor je niets. Krijg je een brief dat het weg moet, dan is dat een besluit en kun je er zes weken bezwaar tegen maken; gebruik daarvoor het tabblad over bezwaar maken.
Waar dit op gebaseerd is (5 wetsartikelen)
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Een inrit of uitweg maken„Ik wil een oprit maken en de stoep laten verlagen.”
Een inrit of uitweg is in de wet een "uitweg". Het maken, hebben of veranderen ervan is geen bouwen, maar het raakt de openbare weg en daarom regelt je gemeente het. In de standaardtekst die het Rijk in elk omgevingsplan heeft gezet staat precies welke gegevens je bij zo'n aanvraag moet verstrekken — en die lijst is je checklist: de locatie aan het voor-, zij- of achtererf, de afmeting, de materialen en de obstakels die in de weg staan, zoals bomen, lantaarnpalen en nutsvoorzieningen.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Het landelijke Omgevingsloket of het eigen loket van je gemeente. Vraag hem samen aan met een carport of oprit als je die ook wil.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd: dit is de wettelijke gegevenslijst voor een uitweg, en een aanvraag zonder deze vier punten is onvolledig.
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met de uitweg, de breedte en de obstakels
- Foto's van de stoep en de weg vóór de verbouwing
- Zo mogelijk een reactie van de netbeheerder over kabels en leidingen
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 22.297 bruidsschat omgevingsplan — „Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het maken, hebben of veranderen van een” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met de plek en de breedte van de uitweg
- Foto's van de bestaande stoep en de weg
- Een opgave van de materialen
- Een lijst van de obstakels op of bij de plek
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
Zo pak je het aan
- Loop de vier gegevens langs vóór je indient Locatie aan welk erf, afmeting, materialen, obstakels. Dat is de wettelijke lijst. Een aanvraag die er een mist, mag de gemeente niet in behandeling nemen — maar wel pas nadat je de kans hebt gehad om aan te vullen binnen de termijn die zij stelt.
- Bel vooraf over de boom en de lantaarnpaal Staat er een gemeentelijke boom of een lantaarnpaal voor je beoogde inrit, dan is dat vaak de reden voor een afwijzing. Vraag vóór je aanvraag of die kan worden verplaatst en wie dat betaalt; zet het antwoord in je aanvraag.
- Reken op een eigen bijdrage aan het werk De stoep verlagen doet de gemeente of een door haar aangewezen partij, en de kosten komen vaak voor jouw rekening. Dat staat los van de leges voor de aanvraag zelf. Vraag ernaar vóór je indient; wij vullen geen bedrag in.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Reageer snel als de gemeente stukken bijvraagt Is je aanvraag niet compleet, dan mag de gemeente besluiten hem niet te behandelen — maar alleen nadat jij de kans hebt gehad om binnen een door haar gestelde termijn aan te vullen. Reageer dus altijd op zo'n brief, en binnen de termijn die erin staat.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Zelf de stoep al openbreken. De openbare weg is niet van jou; dat is een overtreding en je draait op voor het herstel.
- De obstakels niet opgeven. Dat is juist het gegeven waar de gemeente op beslist, en een aanvraag zonder die opgave is onvolledig.
- De carport en de inrit los aanvragen. Je krijgt dan soms het een en niet het ander, met twee termijnen en twee keer leges.
Wat het kost
De gemeente mag leges heffen voor het behandelen van je aanvraag. Hoeveel dat is, staat in de legesverordening van jouw eigen gemeente en verschilt sterk per gemeente; vaak is het een percentage van de bouwkosten met een minimum. Wij vullen hier geen bedrag in: zoek "legesverordening" plus de naam van je gemeente, of vraag het aan het loket. Een afgewezen aanvraag kost meestal óók leges. Een gesprek vooraf is bijna altijd goedkoper.
En daarna?
Met de toestemming kun je de uitweg laten maken; reken op de kosten van het werk aan de stoep. Bij een NEE heb je zes weken om bezwaar te maken; de reden is meestal verkeersveiligheid, parkeerdruk of een boom, en daar kun je in je bezwaar gericht op ingaan.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 22.297 bruidsschat omgevingsplan — „Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het maken, hebben of veranderen van een” (Bruidsschat omgevingsplan (standaardtekst van het Rijk, geconsolideerde versie), versie 2026-06-29, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:5 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Het bestuursorgaan kan besluiten de aanvraag niet te behandelen, indien:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Gevel, kozijnen en installaties
Kozijnen, gevelisolatie, zonwering en de buitenunit van een warmtepomp of airco. Veel hiervan is vergunningvrij — maar er gelden wel harde eisen, en bij de warmtepomp is dat een geluidsnorm.
Een kozijn, gevelpaneel of gevelisolatie wijzigen„Ik wil nieuwe kozijnen, of de gevel isoleren en stucen.”
Kozijnen, kozijninvullingen, gevelpanelen, isolatieplaten, boeidelen en stucwerk zijn landelijk vergunningvrij, maar met een belangrijke beperking: alleen in of aan de ACHTERgevel, in of aan een zijgevel die niet naar de straat kijkt, of in of aan een gevel van een bijbehorend bouwwerk dat in het achtererfgebied ligt. Aan de VOORgevel moet het dus met een vergunning. Technisch is een kozijn of boeideel nooit een eigen vergunning; gevelisolatie is dat ook niet zolang je huis geen verblijfsgebied heeft boven 13 meter.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Blijf je aan de achterkant, dan hoef je niets in te dienen. Voor de voorgevel gaat het via het landelijke Omgevingsloket met DigiD.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je wilt vastleggen dat je binnen de landelijke vrijstelling blijft.
Wat je meestuurt
- Een geveltekening van de bestaande en de nieuwe situatie
- Een foto van de gevel
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 2.29 onder e Besluit bouwwerken leefomgeving — „e. een kozijn, kozijninvulling, gevelpaneel, isolatieplaat of boeideel, of stucwerk,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit bij een wijziging aan de voorgevel. Daar kijkt de gemeente naar het straatbeeld.
Wat je meestuurt
- Een geveltekening voor en na
- Foto's van de straat
- Een opgave van kleur en materiaal
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 2.30 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Op een omgevingsplanactiviteit die wordt verricht in, aan of op een gemeentelijk monument,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.30 lid 3 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Op een omgevingsplanactiviteit die wordt verricht op een locatie waaraan in het omgevingsplan” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met noordpijl, met jouw perceel en de belendende percelen
- Plattegrond, doorsnede en aanzichten van de bestaande en de nieuwe situatie, met maten
- Foto's van de bestaande situatie en van de straatkant
- Als het de draagconstructie raakt: een constructieberekening
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
Zo pak je het aan
- Bepaal eerst welke gevel het is Achtergevel of een zijgevel die niet naar openbaar toegankelijk gebied kijkt: landelijk vrij. Voorgevel of een zijgevel die wel naar de straat kijkt: vergunning. "Openbaar toegankelijk gebied" is in de wet ruim: wegen, pleinen, parken, plantsoenen en ander gebied dat voor publiek algemeen toegankelijk is, maar NIET een weg die alleen percelen ontsluit voor langzaam verkeer.
- Isoleer je in een bestaande spouw? Let op de uitzondering Vernieuwen, veranderen of vergroten van een deel van een bouwwerk is technisch vrij zolang de draagconstructie, de brandcompartimentering en de gevelisolatie niet wijzigen — met als uitdrukkelijke uitzondering isolatie in een BESTAANDE spouw waarbij het bestaande buitengevelblad blijft staan. Spouwmuurisolatie valt dus wél binnen de vrijstelling.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Vraag een gesprek vooraf aan bij de gemeente Bijna elke gemeente kent een gratis of goedkoop gesprek vooraf (vaak "vooroverleg", "omgevingstafel" of "conceptverzoek"). Je legt je plan voor voordat je een echte aanvraag doet. Dat kost geen weken en levert je zwart op wit op waar het plan knelt. Een afgewezen echte aanvraag kost je wél de leges.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- De voorgevel aanpakken op de aanname dat kozijnen "altijd vrij" zijn. De landelijke vrijstelling geldt alleen voor de achterkant en voor zijgevels die niet naar de straat kijken.
- Bij een monument of in een beschermd gezicht beginnen. Dan geldt van de hele lijst alleen nog gewoon onderhoud waarbij ook kleur en materiaalsoort gelijk blijven.
- Bij een huurwoning denken dat de wettelijke huurdersbescherming helpt. Die geldt uitdrukkelijk NIET voor de buitenzijde van je woning: daar bepaalt je huurcontract het.
- "Vergunningvrij" verwarren met "mag altijd". Vergunningvrij betekent alleen dat je geen vergunning hóeft aan te vragen. De regels van het omgevingsplan, het burenrecht, een erfdienstbaarheid, de vereniging van eigenaars en je verhuurder blijven gewoon gelden.
Wat het kost
Hoef je geen vergunning aan te vragen, dan zijn er ook geen leges. Moet je hem wél aanvragen, dan geldt de legesverordening van jouw gemeente; het bedrag verschilt per gemeente en wij vullen het hier niet in.
En daarna?
Is het vrij, dan hoor je niets. Voor de voorgevel: acht weken, en bij een NEE zes weken voor bezwaar. Een afwijzing op het straatbeeld is vaak te repareren met een ander profiel of een andere kleur; vraag de gemeente wat wél kan.
Waar dit op gebaseerd is (7 wetsartikelen)
- art. 2.29 Besluit bouwwerken leefomgeving — „geldt het verbod, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten, niet voor” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder e Besluit bouwwerken leefomgeving — „e. een kozijn, kozijninvulling, gevelpaneel, isolatieplaat of boeideel, of stucwerk,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.27 lid 1 onder b Besluit bouwwerken leefomgeving — „b. het gedeeltelijk vernieuwen, veranderen of vergroten van een bouwwerk waarbij de volgende” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.30 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Op een omgevingsplanactiviteit die wordt verricht in, aan of op een gemeentelijk monument,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.30 lid 3 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Op een omgevingsplanactiviteit die wordt verricht op een locatie waaraan in het omgevingsplan” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7:215 lid 6 Burgerlijk Wetboek — „Van de voorgaande leden kan niet ten nadele van de huurder worden afgeweken, tenzij” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Zonwering, een rolluik of een screen„Ik wil een zonnescherm of rolluiken aan mijn huis.”
Een zonwering, rolhek, luik of rolluik aan of in een gebouw is landelijk vergunningvrij — en dit is een van de ruimste vrijstellingen in de wet: er staat geen maat bij en ook geen beperking tot de achterkant. De enige extra eisen gelden voor een rolhek, luik of rolluik in de voorgevel of een naar de straat gekeerde zijgevel van een ander hoofdgebouw dan een woning of woongebouw — dus voor een winkel of bedrijf, niet voor je huis.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Blijf je binnen de vrijstelling, dan hoef je niets in te dienen. Bij een monument of in een beschermd gezicht gaat het via het landelijke Omgevingsloket.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je bij een monument toch iets moet indienen, of als de gemeente je vraagt waarom je denkt dat het vrij is.
Wat je meestuurt
- Een geveltekening of foto met het scherm erop
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 2.29 onder f Besluit bouwwerken leefomgeving — „f. een zonwering, rolhek, luik of rolluik aan of in een gebouw, als, voor zover het daarbij” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.27 lid 2 onder k Besluit bouwwerken leefomgeving — „k. een collector voor warmteopwekking of een paneel voor elektriciteitsopwekking;” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een geveltekening of een foto met het scherm ingetekend
- Bij een appartement: het besluit van de vergadering van de vereniging van eigenaars
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
Zo pak je het aan
- Voor een woning geldt de vrijstelling zonder maat De wettekst stelt voor een zonwering of rolluik aan of in een gebouw geen hoogte, breedte of kleur. De aanvullende eisen — aan de binnenzijde van de buitenmuur en voor minstens 75% doorkijkopeningen — gelden alleen voor een rolhek, luik of rolluik in de voorgevel van een ander hoofdgebouw dan een woning of woongebouw.
- Woon je in een appartement of huur je? Dan is er wél iets te regelen De gevel van een appartementengebouw is gemeenschappelijk: daar beslist de vergadering van de vereniging van eigenaars over. En bij een huurwoning gaat het om de buitenzijde, waar de wettelijke huurdersbescherming uitdrukkelijk niet geldt; je huurcontract bepaalt het dan.
- Monument of beschermd gezicht? Dan is het niet vrij Op of aan een monument geldt van de hele landelijke lijst alleen nog gewoon onderhoud. Bij een monument in de buurt en in een rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht geldt een beperkte lijst waar zonwering wél op staat, maar alleen voor een achtergevel of achterdakvlak dat niet naar de straat kijkt.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Bij een appartement of huurwoning alleen naar de gemeente kijken. Juist daar zit de echte toestemming: bij de vereniging van eigenaars of bij je verhuurder.
- Bij een monument beginnen omdat "zonwering toch vrij is". Op een monument vervalt die vrijstelling.
- De schroeven in de gezamenlijke gevel van een appartementengebouw zetten zonder besluit van de vergadering. Dat kan je op herstelkosten komen te staan, ook als de gemeente nooit iets zegt.
Wat het kost
Hoef je geen vergunning aan te vragen, dan zijn er ook geen leges. Moet je hem wél aanvragen, dan geldt de legesverordening van jouw gemeente; het bedrag verschilt per gemeente en wij vullen het hier niet in.
En daarna?
Is het vrij, dan hoor je niets van de gemeente. Weigert je vereniging van eigenaars of je verhuurder, dan is dat geen besluit van een gemeente en loopt de weg via het reglement of de rechter, niet via bezwaar.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 2.29 Besluit bouwwerken leefomgeving — „geldt het verbod, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten, niet voor” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder f Besluit bouwwerken leefomgeving — „f. een zonwering, rolhek, luik of rolluik aan of in een gebouw, als, voor zover het daarbij” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.30 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Op een omgevingsplanactiviteit die wordt verricht in, aan of op een gemeentelijk monument,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.30 lid 3 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Op een omgevingsplanactiviteit die wordt verricht op een locatie waaraan in het omgevingsplan” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7:215 lid 6 Burgerlijk Wetboek — „Van de voorgaande leden kan niet ten nadele van de huurder worden afgeweken, tenzij” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Een airco of de buitenunit van een warmtepomp„Ik wil een warmtepomp of airco, met een unit buiten aan de muur of in de tuin.”
Voor de buitenunit van een warmtepomp of airco is de vergunningvraag zelden het probleem — de GELUIDSEIS is dat. In de wet staat een harde norm: een installatie voor warmte- of koudeopwekking die buiten staat, mag op de perceelgrens met het perceel van een andere woning niet meer dan 40 dB veroorzaken, berekend volgens de regels die daarvoor bij ministeriële regeling zijn gesteld. Staat de unit op hetzelfde perceel als een andere woning, dan geldt die 40 dB bij een te openen raam of deur van die woning. Dat is een eis die ALTIJD geldt, ook als je geen vergunning nodig hebt.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Blijf je binnen de regels, dan hoef je niets in te dienen. Vraag wel vooraf bij je gemeente of er in het omgevingsplan een eigen regel over buitenunits staat.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan licht, uitzicht of geluid van een buur kan raken. Naast de vergunning geldt namelijk het burenrecht: je mag een buur geen onrechtmatige hinder toebrengen, en een raam of balkon met uitzicht op het erf van je buur mag binnen twee meter van de erfgrens alleen met zijn toestemming.
Wat je meestuurt
- Een tekening met de afstanden tot elke erfgrens
- Bij een raam of balkon binnen twee meter: de schriftelijke toestemming van de buur
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 5:37 Burgerlijk Wetboek — „De eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:50 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „niet geoorloofd binnen twee meter van de grenslijn van dit erf vensters of andere” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd. Dit is de eis waar je op kunt worden aangesproken, met of zonder vergunning.
Wat je meestuurt
- De geluidsberekening, met de gebruikte gegevens van de unit
- Een situatietekening met de afstand tot elke perceelgrens
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 4.107 lid 2 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Een installatie voor warmte- of koudeopwekking, die is opgesteld buiten de uitwendige scheidingsconstructie van een bouwwerk, veroorzaakt op de perceelgrens met een bouwwerkperceel voor een andere woonfunctie een geluidsniveau van ten hoogste 40 dB, berekend volgens de bij ministeriële regeling gestelde regels.” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.108 lid 3 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Een installatie voor warmte- of koudeopwekking, die is opgesteld buiten de uitwendige” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een situatietekening met de plek van de unit en de afstand tot elke perceelgrens
- De geluidsberekening op de perceelgrens
- De technische gegevens van de unit waarmee is gerekend
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
- Bij een appartement: het besluit van de vergadering van de vereniging van eigenaars
Zo pak je het aan
- Laat de 40 dB uitrekenen vóór je koopt De eis geldt op de PERCEELGRENS, niet bij de unit. Een unit die op het blaadje 50 dB maakt kan op drie meter van de grens prima passen en pal tegen de erfgrens niet. Laat de berekening maken volgens de voorgeschreven rekenregels, en bewaar hem: hiermee weerleg je later een klacht.
- Een omkasting of een andere plek is meestal de oplossing Haal je de 40 dB niet, dan is verplaatsen of een omkasting goedkoper dan een procedure. Let op: een omkasting hoger dan 1 meter en groter dan 2 vierkante meter is zelf een bouwwerk, en dan gelden de regels van je omgevingsplan.
- Kijk of je gemeente een eigen regel heeft Naast de landelijke 40 dB kan het omgevingsplan van je gemeente eigen regels stellen over installaties aan de gevel, bijvoorbeeld over de zichtbaarheid vanaf de straat. Vraag ernaar vóór je laat installeren.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- De 40 dB bij de unit meten in plaats van op de perceelgrens. De wettekst noemt uitdrukkelijk de perceelgrens met het perceel van een andere woning, en bij een unit op hetzelfde perceel een te openen raam of deur van de andere woning.
- De unit pal tegen de erfgrens of in een hoek tussen twee muren zetten. Een hoek kaatst het geluid en dan haal je de norm niet meer, ook met een stille unit.
- Denken dat vergunningvrij ook "geluidsvrij" betekent. De geluidseis geldt los van de vergunningvraag, en je buur kan je er langs het burenrecht op aanspreken.
- Je bent huurder en vraagt alleen de gemeente. De gemeente kijkt niet naar je huurcontract. Zonder schriftelijke toestemming van je verhuurder mag je de gedaante van je woning niet veranderen, ook niet met een vergunning op zak — en voor de BUITENKANT geldt de wettelijke bescherming van de huurder niet, dus daar bepaalt je huurcontract het.
Wat het kost
Hoef je geen vergunning aan te vragen, dan zijn er ook geen leges. Moet je hem wél aanvragen, dan geldt de legesverordening van jouw gemeente; het bedrag verschilt per gemeente en wij vullen het hier niet in.
En daarna?
Blijf je binnen de 40 dB en binnen je omgevingsplan, dan hoor je niets. Klaagt je buur toch, dan begint het met de berekening die jij hebt laten maken. Krijgt de gemeente een handhavingsverzoek en beslist zij tegen jou, dan is dat een besluit en kun je er zes weken bezwaar tegen maken.
Waar dit op gebaseerd is (7 wetsartikelen)
- art. 4.107 lid 2 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Een installatie voor warmte- of koudeopwekking, die is opgesteld buiten de uitwendige scheidingsconstructie van een bouwwerk, veroorzaakt op de perceelgrens met een bouwwerkperceel voor een andere woonfunctie een geluidsniveau van ten hoogste 40 dB, berekend volgens de bij ministeriële regeling gestelde regels.” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.108 lid 3 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Een installatie voor warmte- of koudeopwekking, die is opgesteld buiten de uitwendige” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 Besluit bouwwerken leefomgeving — „geldt het verbod, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de wet , om zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten, niet voor” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.29 onder r Besluit bouwwerken leefomgeving — „r. een ander bouwwerk in voor- of achtererfgebied, als wordt voldaan aan de volgende eisen: 1°. niet hoger dan 1 m; en 2°. de oppervlakte niet meer dan 2 m 2 .” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5:37 Burgerlijk Wetboek — „De eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het” (Burgerlijk Wetboek Boek 5, versie 2024-01-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Anders wonen of werken in je huis
Kamers verhuren, je woning splitsen of een praktijk aan huis beginnen. Dit gaat niet over bouwen maar over de FUNCTIE van je pand, en daar komt vaak een tweede vergunning bij.
Kamers verhuren of je woning splitsen„Ik wil kamers verhuren, of mijn huis opdelen in twee woningen.”
Hier gelden drie dingen tegelijk en die worden vaak door elkaar gehaald. (1) Het OMGEVINGSPLAN zegt welke functie je pand mag hebben: wonen door één huishouden is iets anders dan kamergewijze verhuur. (2) De HUISVESTINGSWET geeft je gemeente de mogelijkheid om in een huisvestingsverordening een vergunning te eisen voor het omzetten van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte, en voor het verbouwen tot twee of meer zelfstandige woningen. (3) Appartementsrechten maken is kadastraal SPLITSEN, en daarvoor kan je gemeente ook een vergunning eisen. Daarnaast valt kamergewijze verhuur uitdrukkelijk BUITEN gevolgklasse 1, waardoor de technische vergunning hier eerder in beeld komt dan bij ander verbouwwerk.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Het landelijke Omgevingsloket voor de omgevingsvergunning, en het eigen loket van je gemeente voor de vergunning uit de huisvestingsverordening. Vraag ze samen aan en vermeld in beide aanvragen de andere.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd bij kamerverhuur of splitsen: de gemeente toetst of het pand na de verbouwing nog aan de bouwregels voldoet.
Wat je meestuurt
- Plattegronden voor en na, met oppervlakten per ruimte
- Een opgave van de brandcompartimentering
- Een geluidsrapport tussen de eenheden
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 2.17 lid 3 onder a Besluit bouwwerken leefomgeving — „a. een niet in een woongebouw gelegen grondgebonden woonfunctie, niet zijnde een woonfunctie” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.21 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Het is verboden het bouwwerk of de bouwwerken die onderdeel uitmaken van een bouwactiviteit” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je gemeente een huisvestingsverordening heeft. Daar is de maatstaf: het behoud en de samenstelling van de woonruimtevoorraad.
Wat je meestuurt
- De bepaling uit de huisvestingsverordening die op jouw pand van toepassing is
- Een beheerplan of huisregels voor de bewoners
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 21 lid 1 onder c Huisvestingswet 2014 — „c. van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte om te zetten of omgezet te houden;” (Huisvestingswet 2014, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 21 lid 1 onder e Huisvestingswet 2014 — „e. tot twee of meer zelfstandige woonruimten te verbouwen of in die verbouwde staat te” (Huisvestingswet 2014, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22 lid 1 Huisvestingswet 2014 — „Het is verboden om een recht op een gebouw dat behoort tot een door de gemeenteraad” (Huisvestingswet 2014, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Plattegronden van de bestaande en de nieuwe situatie, met oppervlakten per ruimte
- Een opgave van de brandcompartimentering en de geluidsisolatie
- De bepaling uit de huisvestingsverordening van je gemeente
- Bij splitsen in appartementsrechten: het concept van de splitsingsakte
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder — onderverhuur is vaak apart verboden in je huurcontract
Zo pak je het aan
- Zoek eerst of je gemeente een huisvestingsverordening heeft Zonder zo'n verordening kan je gemeente geen omzettings- of splitsingsvergunning eisen: de wet werkt alleen als de gemeenteraad categorieën woonruimte en gebieden heeft aangewezen. Zoek "huisvestingsverordening" plus de naam van je gemeente.
- Let op: kamergewijze verhuur valt buiten gevolgklasse 1 De wettekst sluit een woonfunctie voor kamergewijze verhuur uitdrukkelijk uit van gevolgklasse 1. Daardoor valt deze verbouwing eerder onder het bouwverbod en kan er een technische vergunning nodig zijn in plaats van een bouwmelding.
- Vraag de twee vergunningen samen aan De omgevingsvergunning en de vergunning uit de huisvestingsverordening zijn twee aparte besluiten met elk hun eigen termijn en hun eigen bezwaarronde. Vraag ze gelijktijdig aan en verwijs in elke aanvraag naar de andere; dan kan de gemeente ze samen beoordelen.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Vraag een gesprek vooraf aan bij de gemeente Bijna elke gemeente kent een gratis of goedkoop gesprek vooraf (vaak "vooroverleg", "omgevingstafel" of "conceptverzoek"). Je legt je plan voor voordat je een echte aanvraag doet. Dat kost geen weken en levert je zwart op wit op waar het plan knelt. Een afgewezen echte aanvraag kost je wél de leges.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Reageer snel als de gemeente stukken bijvraagt Is je aanvraag niet compleet, dan mag de gemeente besluiten hem niet te behandelen — maar alleen nadat jij de kans hebt gehad om binnen een door haar gestelde termijn aan te vullen. Reageer dus altijd op zo'n brief, en binnen de termijn die erin staat.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Alleen de omgevingsvergunning aanvragen en de huisvestingsverordening vergeten. Dat zijn twee aparte vergunningen; met de ene op zak kun je nog steeds in overtreding zijn.
- Beginnen met verhuren zodra de verbouwing klaar is. Je mag een bouwwerk dat onder gevolgklasse 1 valt niet in gebruik nemen zonder dat ten minste twee weken vooraf te melden.
- Bij een huurwoning onderverhuren zonder toestemming. Dat is naast de vergunningvraag meestal ook een overtreding van je huurcontract en een grond voor ontbinding.
- Je bent huurder en vraagt alleen de gemeente. De gemeente kijkt niet naar je huurcontract. Zonder schriftelijke toestemming van je verhuurder mag je de gedaante van je woning niet veranderen, ook niet met een vergunning op zak — en voor de BUITENKANT geldt de wettelijke bescherming van de huurder niet, dus daar bepaalt je huurcontract het.
Wat het kost
De gemeente mag leges heffen voor het behandelen van je aanvraag. Hoeveel dat is, staat in de legesverordening van jouw eigen gemeente en verschilt sterk per gemeente; vaak is het een percentage van de bouwkosten met een minimum. Wij vullen hier geen bedrag in: zoek "legesverordening" plus de naam van je gemeente, of vraag het aan het loket. Een afgewezen aanvraag kost meestal óók leges. Een gesprek vooraf is bijna altijd goedkoper.
En daarna?
Twee vergunningen betekent twee keer acht weken en twee bezwaarrondes. Krijg je er één wel en één niet, dan heeft bezwaar maken tegen de afwijzing alleen zin als de andere nog geldig is; let dus op de geldigheidsduur, want een omzettingsvergunning mag je gemeente voor een bepaalde termijn geven, waarna hij van rechtswege vervalt.
Waar dit op gebaseerd is (10 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.1 lid 2 onder a Omgevingswet — „a. een bouwactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 21 lid 1 onder c Huisvestingswet 2014 — „c. van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte om te zetten of omgezet te houden;” (Huisvestingswet 2014, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 21 lid 1 onder e Huisvestingswet 2014 — „e. tot twee of meer zelfstandige woonruimten te verbouwen of in die verbouwde staat te” (Huisvestingswet 2014, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 22 lid 1 Huisvestingswet 2014 — „Het is verboden om een recht op een gebouw dat behoort tot een door de gemeenteraad” (Huisvestingswet 2014, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.17 lid 3 onder a Besluit bouwwerken leefomgeving — „a. een niet in een woongebouw gelegen grondgebonden woonfunctie, niet zijnde een woonfunctie” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.21 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Het is verboden het bouwwerk of de bouwwerken die onderdeel uitmaken van een bouwactiviteit” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:7 Algemene wet bestuursrecht — „De termijn voor het indienen van een bezwaar- of beroepschrift bedraagt zes weken.” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Een bedrijf of praktijk aan huis beginnen„Ik wil vanuit huis werken of een praktijk aan huis beginnen.”
Of je vanuit je woning mag werken, staat in het OMGEVINGSPLAN van je gemeente: dat wijst functies aan locaties toe, en "wonen" en "bedrijf" zijn verschillende functies. Bijna elk omgevingsplan laat een beroep of bedrijf aan huis toe binnen een deel van de oppervlakte en zonder publiekstrekkende activiteiten, maar die grens verschilt per gemeente en wij vullen er geen percentage of oppervlakte voor in. Verbouw je er iets voor, dan gelden daarnaast de gewone bouwregels.
Let op. De gemeente mag deze termijn één keer met ten hoogste zes weken verlengen, en dat verlengbesluit moet binnen de acht weken bekend zijn gemaakt. Is de gemeente te laat, dan krijg je NIET automatisch je vergunning: die regel is voor de omgevingsvergunning uitdrukkelijk uitgezet. Je stelt de gemeente dan schriftelijk in gebreke; twee weken later gaat een dwangsom lopen en kun je rechtstreeks naar de rechter.
Waar je het indient. Eerst het omgevingsplan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Is een vergunning nodig, dan dien je die daar in, met DigiD.
Waar dit op gebaseerd is (6 wetsartikelen)
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 2 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag kan de beslistermijnen, bedoeld in het eerste lid, eenmaal met ten” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 4 Omgevingswet — „Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de voorbereiding van de beslissing op de aanvraag.” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 1 Algemene wet bestuursrecht — „Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4:17 lid 3 Algemene wet bestuursrecht — „De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 6:12 lid 2 Algemene wet bestuursrecht — „Het beroepschrift kan worden ingediend zodra:” (Algemene wet bestuursrecht, versie 2026-08-15, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit als je in het omgevingsplan hebt gekeken en je plan binnen de maten en de functie blijft die daar staan. Dan is het een binnenplanse aanvraag en hoeft de gemeente alleen te toetsen of je het goed hebt gelezen.
Wat je meestuurt
- Een uitdraai of schermafdruk van de regel uit het omgevingsplan, met de datum erop
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je plan niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente mag er dan toch een vergunning voor geven; dat heet een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Je moet dan zelf aangeven waarom het op jouw plek verantwoord is.
Wat je meestuurt
- Een motivering van maximaal twee kantjes
- Zo mogelijk een vergelijkbaar geval in je buurt dat de gemeente eerder toestond
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd als je met de buren hebt gesproken. De gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en bij een plan dat afwijkt van het omgevingsplan kan de gemeenteraad dat overleg zelfs verplicht hebben gesteld.
Wat je meestuurt
- Een kort verslag van het gesprek met datum en adressen
- Zo mogelijk een ondertekende verklaring van de buren
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit altijd. Dit is de maatstaf waarmee bijna elk omgevingsplan werkt.
Wat je meestuurt
- Een plattegrond met de ruimte die je voor het werk gebruikt, met oppervlakten
- Een opgave van het aantal bezoekers en de openingstijden
- Een parkeerbalans als er bezoekers komen
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als er bezoekers, bezorging of werkverkeer bij komt. Daar zit de weerstand, en daar kijkt de gemeente naar.
Wat je meestuurt
- Een verslag van het buurgesprek met datum en adressen
- De openingstijden en de bevoorradingstijden op papier
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een plattegrond met de werkruimte en de oppervlakten
- Een beschrijving van de activiteit, de openingstijden en het aantal bezoekers
- Een parkeerbalans als er bezoekers of werkverkeer komen
- De regel uit het omgevingsplan die op jouw adres geldt
- Bij een huurhuis: de schriftelijke toestemming van je verhuurder
- Bij een appartement: het reglement van de vereniging van eigenaars
Zo pak je het aan
- Lees de functie van jouw locatie in het omgevingsplan Het omgevingsplan verdeelt functies over locaties. Zoek jouw adres op en lees wat er bij "wonen" is toegestaan: bijna altijd staat er een regel over een beroep of bedrijf aan huis, met een oppervlakte- of percentagegrens. Die grens verschilt per gemeente; wij vullen hem niet in.
- Let op het verschil tussen een beroep en een bedrijf aan huis Veel omgevingsplannen laten een "aan huis verbonden beroep" ruimer toe dan een "bedrijf", en publiekstrekkende activiteiten zoals een winkel of een horecagelegenheid vrijwel nooit. Noem in je aanvraag precies wat je doet, niet alleen je bedrijfsnaam.
- Verbouw je er iets voor? Dan komen de bouwregels erbij Een aparte ingang, een uitbouw of een reclamebord zijn bouwwerken met hun eigen regels. Vraag dat in dezelfde aanvraag mee, dan loopt er één termijn.
- Kijk eerst in het omgevingsplan van je gemeente Sinds 1 januari 2024 heeft elke gemeente één omgevingsplan in plaats van bestemmingsplannen. Daar staat wat op jouw adres wel en niet mag. Het plan bestaat voorlopig nog uit je oude bestemmingsplan plus een standaardtekst die het Rijk er bij de start in heeft gezet. Je vindt het plan voor jouw adres in het landelijke Omgevingsloket. Staat er iets anders in dan hieronder, dan geldt het plan.
- Vraag een gesprek vooraf aan bij de gemeente Bijna elke gemeente kent een gratis of goedkoop gesprek vooraf (vaak "vooroverleg", "omgevingstafel" of "conceptverzoek"). Je legt je plan voor voordat je een echte aanvraag doet. Dat kost geen weken en levert je zwart op wit op waar het plan knelt. Een afgewezen echte aanvraag kost je wél de leges.
- Dien de aanvraag in via het Omgevingsloket Je vraagt de vergunning aan in het landelijke Omgevingsloket. Je hebt daar DigiD nodig. Vul ook meteen in wat je met de buren hebt afgestemd: de gemeente mag vragen hoe je de omgeving hebt betrokken, en de gemeenteraad kan dat overleg zelfs verplicht stellen voordat je een aanvraag mag indienen.
- Bewaar de dag waarop je aanvraag binnenkwam Vanaf de dag dat de gemeente je aanvraag ontvangt, gaan de acht weken lopen. Schrijf die datum op en zet hem in je dossier: zonder die datum kun je later niet aantonen dat de gemeente te laat is.
- Krijg je een NEE? Dan heb je zes weken Tegen een afwijzing maak je bezwaar, en daarvoor staan zes weken vanaf de dag na de bekendmaking van het besluit. Op dit platform staat daar een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw. Let op de uitzondering: is je besluit met de uitgebreide procedure voorbereid (dat staat erin), dan is bezwaar juist NIET de weg en moet je rechtstreeks in beroep.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- Alleen naar de inschrijving bij de Kamer van Koophandel kijken. Die zegt niets over wat er op jouw adres planologisch mag; dat staat in het omgevingsplan.
- De bezoekers en het parkeren weglaten uit de aanvraag. Dat is juist waar de gemeente en de buren op letten, en een aanvraag zonder die gegevens is onvolledig.
- Bij een huurwoning of een appartement alleen de gemeente vragen. Je huurcontract en het reglement van de vereniging van eigenaars kunnen bedrijfsmatig gebruik verbieden.
Wat het kost
De gemeente mag leges heffen voor het behandelen van je aanvraag. Hoeveel dat is, staat in de legesverordening van jouw eigen gemeente en verschilt sterk per gemeente; vaak is het een percentage van de bouwkosten met een minimum. Wij vullen hier geen bedrag in: zoek "legesverordening" plus de naam van je gemeente, of vraag het aan het loket. Een afgewezen aanvraag kost meestal óók leges. Een gesprek vooraf is bijna altijd goedkoper.
En daarna?
Past het binnen het omgevingsplan, dan hoef je niets aan te vragen — maar bewaar de regel waarop je dat baseert. Wijkt het af en krijg je een NEE, dan heb je zes weken voor bezwaar; een afwijzing is vaak te repareren met kleinere openingstijden of minder bezoekers, dus vraag de gemeente wat wél kan.
Waar dit op gebaseerd is (7 wetsartikelen)
- art. 2.4 Omgevingswet — „De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 4.1 lid 1 Omgevingswet — „Bij omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening kunnen met het oog” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.1 lid 1 onder a Omgevingswet — „a. een omgevingsplanactiviteit,” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.55 lid 4 Omgevingswet — „Voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit kunnen” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7.207b lid 1 Omgevingsregeling — „bescheiden verstrekt die op grond van het omgevingsplan bij die aanvraag moeten worden” (Omgevingsregeling, versie 2026-10-06, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 16.64 lid 1 Omgevingswet — „Het bevoegd gezag beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning binnen acht weken” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Wat er náást de vergunning nog moet
Twee dingen die mensen het vaakst vergeten en die het meeste tijd kosten: de bouwmelding met een kwaliteitsborger, en — als je huurt — de schriftelijke toestemming van je verhuurder.
De bouwmelding en de kwaliteitsborger„Ik heb mijn vergunning binnen, maar ik lees iets over een melding en een kwaliteitsborger.”
Dit is de stap die mensen het vaakst over het hoofd zien, en hij kost tijd en geld. Sinds de Wet kwaliteitsborging toetst de gemeente de techniek van een eenvoudig bouwwerk niet meer vooraf. In plaats daarvan geldt: bouwactiviteiten die onder gevolgklasse 1 vallen hoeven geen technische vergunning, maar je moet het bouwen ten minste VIER WEKEN vóór de start MELDEN, met een onafhankelijke kwaliteitsborger en een risicobeoordeling erbij. En je mag het bouwwerk niet in gebruik nemen zonder dat ten minste TWEE WEKEN vooraf te melden, met de verklaring van die kwaliteitsborger.
Let op. Dit is géén beslistermijn maar een WACHTtermijn: je mag pas vier weken NA je melding beginnen met bouwen. Begint de bouw niet binnen een jaar na de melding, dan moet je opnieuw melden. En vóór de ingebruikname geldt een tweede wachttermijn van twee weken na de gereedmelding.
Waar je het indient. Het landelijke Omgevingsloket. Dit is een MELDING, geen aanvraag: je krijgt geen besluit en er is dus ook niets om bezwaar tegen te maken. Wel kan de gemeente zeggen dat je melding niet compleet is, en dan mag je niet beginnen.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 2.18 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Onverminderd artikel 7.7 is het verboden een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.17 uit te voeren zonder dit ten minste vier weken voor het begin van de bouwwerkzaamheden” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.21 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Het is verboden het bouwwerk of de bouwwerken die onderdeel uitmaken van een bouwactiviteit” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit altijd: dit is de wettelijke lijst van wat er in een bouwmelding hoort.
Wat je meestuurt
- De gegevens van de kwaliteitsborger en van het instrument
- De risicobeoordeling van het bouwproject
- Het borgingsplan
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 2.18 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Onverminderd artikel 7.7 is het verboden een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.17 uit te voeren zonder dit ten minste vier weken voor het begin van de bouwwerkzaamheden” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.19 lid 1 onder g Besluit bouwwerken leefomgeving — „g. gegevens betreffende de kwaliteitsborger en het te gebruiken instrument voor kwaliteitsborging,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je wilt vastleggen waarom je geen technische vergunning hoeft aan te vragen.
Wat je meestuurt
- Een korte onderbouwing per voorwaarde van gevolgklasse 1
Waar dit op gebaseerd is (3 wetsartikelen)
- art. 2.17 lid 2 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Een bouwactiviteit valt onder gevolgklasse 1 als:” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.17 lid 3 onder a Besluit bouwwerken leefomgeving — „a. een niet in een woongebouw gelegen grondgebonden woonfunctie, niet zijnde een woonfunctie” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.27 lid 1 onder a Besluit bouwwerken leefomgeving — „a. een bouwwerk dat valt onder gevolgklasse 1 als bedoeld in artikel 2.17 ; of” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit aan het eind van de bouw: zonder deze melding mag je het bouwwerk niet in gebruik nemen.
Wat je meestuurt
- De verklaring van de kwaliteitsborger
- De opgave van gebruiksfuncties en oppervlakten
- Gegevens over constructie, luchtverversing, energiezuinigheid en milieuprestatie
- Gegevens over de brandveiligheid
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 2.21 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Het is verboden het bouwwerk of de bouwwerken die onderdeel uitmaken van een bouwactiviteit” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- De gegevens van de kwaliteitsborger en het instrument voor kwaliteitsborging
- De risicobeoordeling van het bouwproject
- Het borgingsplan
- Aan het eind: de verklaring van de kwaliteitsborger
Zo pak je het aan
- Tel de vier weken op bij je planning De bouwmelding moet ten minste vier weken vóór de start van de bouwwerkzaamheden binnen zijn. Die vier weken komen NA je vergunning en na de zes weken bezwaartermijn die je toch al wilt afwachten. Reken dus met acht weken vergunning, zes weken bezwaar en vier weken melding.
- Regel de kwaliteitsborger vroeg Zonder kwaliteitsborger is je melding niet compleet en mag je niet beginnen. Hij is onafhankelijk en wordt niet door de gemeente geregeld; jij schakelt hem in. Vraag vooraf wat hij kost en wat er in het borgingsplan komt, zodat je dat kunt meenemen in je begroting.
- Begint de bouw niet binnen een jaar? Melden kan opnieuw nodig zijn Begint de bouwactiviteit niet binnen een jaar na de melding, dan moet je hem opnieuw melden, weer ten minste vier weken vooraf.
- Verbouwen is iets anders dan nieuw bouwen De wettekst zegt uitdrukkelijk dat de aanwijzing van gevolgklasse 1 niet van toepassing is op bouwactiviteiten die VERBOUWEN betreffen. Wat dat precies betekent voor een uitbouw aan een bestaand huis, is uit de tekst zelf niet eenduidig te lezen. Vraag het daarom na bij je gemeente vóór je begint, en zet het antwoord op papier; dit is te belangrijk om op een aanname te bouwen.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- De vier weken niet in de planning opnemen. Veel mensen plannen de bouw direct na de vergunning en moeten dan vier weken stilzitten.
- De kwaliteitsborger pas zoeken als de vergunning er is. Zonder zijn gegevens en zonder borgingsplan is je melding niet compleet.
- Het bouwwerk in gebruik nemen zonder gereedmelding. Dat is een apart verbod, en de melding moet ten minste twee weken vóór de ingebruikname binnen zijn.
Wat het kost
De melding zelf is bij de gemeente meestal gratis of goedkoop; de legesverordening van jouw gemeente zegt het. De kwaliteitsborger is een eigen kostenpost die je zelf inschakelt. Wij vullen geen bedragen in: vraag vooraf een opgave.
En daarna?
Een melding is geen besluit: je krijgt geen brief die je kunt aanvechten en er is geen bezwaartermijn. Zegt de gemeente dat je melding niet compleet is, dan mag je niet beginnen; vul aan en meld opnieuw. Grijpt zij in met een handhavingsbesluit, dan is dát wel een besluit en kun je er zes weken bezwaar tegen maken.
Waar dit op gebaseerd is (8 wetsartikelen)
- art. 2.17 lid 2 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Een bouwactiviteit valt onder gevolgklasse 1 als:” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.17 lid 3 onder a Besluit bouwwerken leefomgeving — „a. een niet in een woongebouw gelegen grondgebonden woonfunctie, niet zijnde een woonfunctie” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.17 lid 4 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Het eerste lid is niet van toepassing op bouwactiviteiten die verbouwen betreffen.” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.18 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Onverminderd artikel 7.7 is het verboden een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.17 uit te voeren zonder dit ten minste vier weken voor het begin van de bouwwerkzaamheden” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.19 lid 1 onder g Besluit bouwwerken leefomgeving — „g. gegevens betreffende de kwaliteitsborger en het te gebruiken instrument voor kwaliteitsborging,” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.21 lid 1 Besluit bouwwerken leefomgeving — „Het is verboden het bouwwerk of de bouwwerken die onderdeel uitmaken van een bouwactiviteit” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 2.27 lid 1 onder a Besluit bouwwerken leefomgeving — „a. een bouwwerk dat valt onder gevolgklasse 1 als bedoeld in artikel 2.17 ; of” (Besluit bouwwerken leefomgeving, versie 2026-09-24, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 5.8 Omgevingswet — „Het college van burgemeester en wethouders beslist op de aanvraag om een omgevingsvergunning” (Omgevingswet, versie 2026-07-01, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Toestemming van je verhuurder vragen„Ik huur mijn woning en wil iets verbouwen of aan de buitenkant veranderen.”
Dit tabblad gaat over de gemeente, maar als je huurt is er een tweede partij die eerst ja moet zeggen. De wet is duidelijk: een huurder is niet bevoegd de inrichting of gedaante van het gehuurde te veranderen zonder SCHRIFTELIJKE toestemming van de verhuurder, tenzij het om veranderingen gaat die bij het einde van de huur zonder noemenswaardige kosten ongedaan gemaakt kunnen worden. Bij woonruimte moet de verhuurder die toestemming binnen ACHT WEKEN in ieder geval geven als de verandering de verhuurbaarheid niet schaadt en niet tot een waardedaling leidt. Weigert hij, dan kun je de rechter om een machtiging vragen. LET OP de grote uitzondering: van die hele bescherming mag worden afgeweken als het de BUITENZIJDE van de woning betreft — en bijna alles in dit tabblad is buitenzijde.
Let op. Bij woonruimte moet de verhuurder binnen acht weken toestemming geven als de verandering de verhuurbaarheid niet schaadt en niet tot een waardedaling leidt. Die acht weken gaan lopen vanaf de ontvangst van je verzoek, dus bewaar je verzenddatum. 🔴 Deze bescherming geldt NIET voor de buitenzijde van de woning: daar mag je huurcontract er ten nadele van jou van afwijken, en bijna alles in dit tabblad is buitenzijde.
Waar je het indient. Een brief of e-mail aan je verhuurder, aangetekend of met een leesbevestiging. Dit is geen aanvraag bij de gemeente: er is geen loket en geen DigiD. Bewaar een kopie en de verzenddatum.
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 7:215 lid 2 Burgerlijk Wetboek — „Indien het de huur van woonruimte betreft, verleent de verhuurder binnen acht weken” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7:215 lid 6 Burgerlijk Wetboek — „Van de voorgaande leden kan niet ten nadele van de huurder worden afgeweken, tenzij” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Reken je termijn uit
Welke redenen passen bij jou?
Kies dit bij een verandering BINNEN de woning. Dan moet je verhuurder binnen acht weken in ieder geval toestemming geven als dit klopt.
Wat je meestuurt
- Een tekening of foto van wat je wilt doen
- Zo mogelijk een opgave van de materialen en de uitvoering
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 7:215 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „De huurder is niet bevoegd de inrichting of gedaante van het gehuurde geheel of gedeeltelijk” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7:215 lid 2 Burgerlijk Wetboek — „Indien het de huur van woonruimte betreft, verleent de verhuurder binnen acht weken” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit als je verandering eenvoudig te verwijderen is. Dan heb je volgens de wet helemaal geen toestemming nodig — maar meld het toch, zodat er later geen discussie is.
Wat je meestuurt
- Een beschrijving van hoe je het weer weghaalt
Waar dit op gebaseerd is (2 wetsartikelen)
- art. 7:215 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „De huurder is niet bevoegd de inrichting of gedaante van het gehuurde geheel of gedeeltelijk” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7:216 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „De huurder is tot de ontruiming bevoegd door hem aangebrachte veranderingen en toevoegingen” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Kies dit bij een dakkapel, zonnepanelen, een schutting of iets anders aan de buitenkant. Daar geldt de wettelijke bescherming niet, dus hangt het volledig aan je huurcontract en aan goede wil.
Wat je meestuurt
- De tekeningen die je ook bij de gemeente gebruikt
- Je aanbod over wat er bij vertrek gebeurt, op papier
Waar dit op gebaseerd is (1 wetsartikelen)
- art. 7:215 lid 6 Burgerlijk Wetboek — „Van de voorgaande leden kan niet ten nadele van de huurder worden afgeweken, tenzij” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Je toelichting bij de aanvraag
Wat je meestuurt
- Een tekening of foto van wat je wilt doen
- De stukken die je ook bij de gemeente gebruikt
- Je aanbod over wat er bij het einde van de huur met de verandering gebeurt
- Een kopie van je eigen brief en het bewijs van verzending
Zo pak je het aan
- Vraag het SCHRIFTELIJK en bewaar de datum De wet eist schriftelijke toestemming. Een mondelinge "dat is wel goed" van een opzichter helpt je later niet. Stuur een brief of e-mail, bewaar een kopie en noteer de verzenddatum: daarmee begint de acht weken te lopen.
- Vraag het VOORDAT je naar de gemeente gaat De gemeente kijkt niet naar je huurcontract en geeft je vergunning ook zonder toestemming van je verhuurder. Met alleen die vergunning ben je nog steeds niet bevoegd om te bouwen. En de leges van een aanvraag die je toch niet mag uitvoeren krijg je niet terug.
- Binnenkant of buitenkant? Dat verandert alles Voor de BINNENkant is de huurdersbescherming dwingend: daarvan mag niet ten nadele van de huurder worden afgeweken. Voor de BUITENkant mag dat wél, en dat betekent dat je huurcontract daar het laatste woord heeft. Lees dus eerst wat er in jouw contract over veranderingen aan de buitenzijde staat.
- Weigert hij? Dan kun je de rechter om een machtiging vragen Geeft de verhuurder geen toestemming, dan kun je vorderen dat de rechter je machtigt de verandering aan te brengen. De rechter wijst dat in ieder geval toe als de verhuurder op grond van de acht-wekenregel toestemming had behoren te geven. In andere gevallen alleen als de verandering noodzakelijk is voor doelmatig gebruik of het woongenot verhoogt, en er geen zwaarwichtige bezwaren aan zijn kant zijn.
- Denk nu al aan het einde van de huur Je bent tot de oplevering bevoegd je eigen veranderingen weer weg te halen, mits je de woning in een staat brengt die redelijkerwijs met de oorspronkelijke overeenkomt. Je bent NIET verplicht geoorloofde veranderingen ongedaan te maken. Zet dat samen met je verhuurder op papier bij de toestemming, dan voorkom je een discussie bij vertrek.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
- De vergunning eerst aanvragen en de verhuurder later vragen. Je betaalt dan leges voor een plan dat je misschien niet mag uitvoeren.
- Denken dat de acht-wekenregel altijd geldt. Voor de buitenzijde van de woning mag daarvan worden afgeweken, en dat gebeurt in huurcontracten ook.
- Mondelinge toestemming aannemen. De wet eist schriftelijke toestemming; zonder papier kan je verhuurder bij vertrek herstel in de oude staat eisen.
Wat het kost
Een verzoek aan je verhuurder kost niets. Komt het bij de rechter, dan is er griffierecht en zijn er mogelijk kosten voor bijstand; de hoogte daarvan vullen wij hier niet in.
En daarna?
Krijg je toestemming, bewaar die dan bij je vergunning en bij de afspraak over wat er bij vertrek gebeurt. Weigert hij of hoor je niets, dan loopt de weg via de rechter en NIET via bezwaar bij de gemeente: een verhuurder neemt geen besluit waartegen bezwaar openstaat.
Waar dit op gebaseerd is (5 wetsartikelen)
- art. 7:215 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „De huurder is niet bevoegd de inrichting of gedaante van het gehuurde geheel of gedeeltelijk” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7:215 lid 2 Burgerlijk Wetboek — „Indien het de huur van woonruimte betreft, verleent de verhuurder binnen acht weken” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7:215 lid 3 Burgerlijk Wetboek — „Indien de verhuurder de toestemming niet verleent, kan de huurder vorderen dat de” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7:215 lid 6 Burgerlijk Wetboek — „Van de voorgaande leden kan niet ten nadele van de huurder worden afgeweken, tenzij” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
- art. 7:216 lid 1 Burgerlijk Wetboek — „De huurder is tot de ontruiming bevoegd door hem aangebrachte veranderingen en toevoegingen” (Burgerlijk Wetboek Boek 7, versie 2026-10-08, opgehaald 2026-11-01) de wettekst
Wat deze pagina niet is
- Dit is geen juridisch advies en wij beslissen niets. De gemeente beslist, en in laatste instantie de rechter. Wat hier staat is de wettekst zelf, met het artikelnummer erbij, zodat je het kunt nakijken en zodat je weet welke vraag je aan je gemeente moet stellen.
- Wij vullen geen bedragen in. De leges voor een aanvraag staan in de legesverordening van jouw eigen gemeente en verschillen sterk. Waar wij een maat of een termijn noemen, staat het wetsartikel erbij; waar wij iets niet hebben kunnen vinden, staat "niet gevonden".
- Wij versturen niets voor je. De brief die deze pagina opbouwt staat op je scherm; je kopieert hem, zet je eigen gegevens erin en verstuurt hem zelf. Dan ligt het bewijs van verzending bij jou, en dat is precies waar het bij een termijn op aankomt.
- Wordt je vergunning afgewezen? Dan heb je zes weken om bezwaar te maken. Daar is op dit platform een eigen tabblad voor; gebruik dat en begin niet opnieuw.
Zet dit plan in je dossier
Neem deze zaak over in je eigen dossier. Dan rekent het dossier de termijn mee en zie je in één oogopslag wanneer de gemeente had moeten beslissen en hoeveel tijd je nog hebt om bezwaar te maken. Je vult daar één datum in: de dag waarop je aanvraag bij de gemeente binnenkwam.
Loop je vast? Deze organisaties helpen je verder
Je hoeft dit niet alleen te doen. Dit zijn de plekken die bij dit onderwerp horen. Je ziet wat ze doen, wanneer je er moet zijn en wat het kost.
-
Het Juridisch Loket Juridische hulp

Gratis persoonlijk juridisch advies als je een laag inkomen en weinig spaargeld hebt. Ze leggen je rechten uit, helpen je een brief op te zetten en verwijzen je zo nodig door naar een advocaat met een toevoeging.
Wanneer: Voordat je een procedure start, en zeker als je twijfelt of je op tijd bent. Er werken geen advocaten: ze kunnen niet voor je procederen.
Wat het kost: gratis · Telefoon: 0800 - 8020
Waar dit op gebaseerd is
„Welkom bij het Juridisch Loket. Wij bieden gratis persoonlijk juridisch advies aan iedereen met een laag inkomen en weinig spaargeld. Bel 0800-8020 of kom zonder afspraak langs tijdens een inloopspreekuur. U krijgt dan hulp van een juridisch adviseur. Bij het Juridisch Loket werken geen advocaten.”
Bron: https://www.juridischloket.nl/hoe-we-werken/, opgehaald 30 oktober 2026 -
De Huurcommissie Hulp bij huren

Doet uitspraak over huurprijs, servicekosten en gebreken aan je woning. Zij kan je huur tijdelijk verlagen zolang een gebrek niet is opgelost.
Wanneer: Pas nadat je het gebrek schriftelijk bij je verhuurder hebt gemeld en er zes weken zijn verstreken. Zij kan de verhuurder niet dwingen te repareren — alleen de huur verlagen. Afdwingen dat er hersteld wordt, doet de kantonrechter.
Wat het kost: € 25 vooraf als huurder; krijg je gelijk, dan krijg je dat bedrag terug. Bij een minimuminkomen of bijstandsniveau kun je vrijstelling aanvragen. · Telefoon: 088 - 1 600 300
Waar dit op gebaseerd is
„Bent u een huurder? Dan betaalt u vooraf € 25.”
Bron: https://www.huurcommissie.nl/onderwerpen/procedure/procedure-starten/kosten, opgehaald 2026-10-30„Een procedure start pas als de leges zijn betaald. Krijgt u gelijk? Dan krijgt u dat bedrag terug. De andere partij moet dan de kosten van de procedure betalen.”
terug bij gelijk · Bron: https://www.huurcommissie.nl/onderwerpen/procedure/procedure-starten/kosten, opgehaald 2026-10-30„Dan kunt u vrijstelling aanvragen, u hoeft de legeskosten dan niet te betalen.”
vrijstelling bij een minimuminkomen · Bron: https://www.huurcommissie.nl/onderwerpen/procedure/procedure-starten/kosten, opgehaald 2026-10-30„Heeft u moeite met het invullen van het online formulier? Bel dan met ons klantcontactcentrum op 088 - 1 600 300 .”
het telefoonnummer · Bron: https://www.huurcommissie.nl/onderwerpen/procedure/procedure-starten/kosten, opgehaald 2026-10-30
Dit is geen juridisch advies. De organisaties hierboven werken niet met ons samen. Ze keuren ons ook niet goed. Wij wijzen alleen de weg naar hen. Advies over jouw eigen situatie krijg je van hen. De kaart met het labeltje "Deze website" is van onszelf. Daarover zijn wij dus geen onafhankelijke partij.